Wang Nuea’s art galery

Vincent-01
Reproducties van bekende westerse kunstwerken in Wang Nuea: 1. De Schreeuw ( Munch). 2. Tarweveld met cipressen (Van Gogh). 3. De slaapkamer (Van Gogh). 4. Vaas met twaalf zonnebloemen (Van Gogh).

Wang Nuea in het noorden van de provincie Lampang ligt op de route Chiang Mai – Phayao en je komt er onherroepelijk langs, of je nu de hoofdweg richting Chiang Rai neemt en bij Mae Krachan naar het oosten afslaat, of met een grote omweg gaat over Highway 1252 door de prachtige bergbossen van Doi Saket en Mueang Pan.
In Wang Nuea zijn de leerlingen van een middelbare aangespoord de kale muur rond het schoolterrein aan de straatkant vrolijk te beschilderen. Kennelijk zijn daarbij enkele richtlijnen en voorbeelden uitgedeeld. Het resultaat is niet onaardig. Zeker honderd meter muur is er bekladderd met ‘moderne kunst’, waaronder de geijkte moderne ‘boeddhistische’ kunst—die me doen denken aan de platenhoezen van psychedelische popgroepen die begin jaren zeventig in het westen populair waren—maar vooral veel beroemde werken van de westerse im- en expressionisten. De klassieke vraag ‘Mis je nou niks in Thailand?’ die door de klassieke Nederlandse expat met ‘Kaas, drop, stroopwafels en een haring’ wordt beantwoord, kan ik nu resoluut ontkennen met: ‘Nee niks, en in plaats van het Stedelijk ga ik nu gewoon naar Wang Nuea.’
Werken van Vincent van Gogh zijn er goed vertegenwoordigd; het is wel begrijpelijk dat de felle kleuren en simpele composities de muurkunstenaars hebben aangesproken. Rembrandts Nachtwacht met zijn vele minitieuze details en donkere tinten zou heel wat meer gemodder geweest zijn en een modderig geheel hebben opgeleverd.
Ik vraag mij af of de scholieren ook nog wat ‘morele begeleiding’ hebben gekregen tijdens of voorafgaand aan het reproduceren van de westerse kunst. Is hun iets verteld over het leven van verschillende kunstenaars, om er vervolgens in kleine groepjes over te discussiëren?
‘Als Vincent vandaag de dag in Thailand leefde, had ie zich dan bij de red-shirts aangesloten?’—zou de tekenleraar dat misschien speels in de groep gegooid hebben? Waarop Daeng antwoordde dat ze Vincent waarschijnlijk in Suan Prung hadden opgesloten. En waarom die vent zijn oor eraf gesneden heeft? Piak stelde resoluut: ‘De herrie in zijn hoofd werd ondraaglijk, daarom dus, dat is duidelijk, toch?’ en wees op een afdrukje van een werk uit de Wikipedia. ‘Praat toch niet zo dom,’ gaf de altijd oplettende Mali als repliek, ‘dat is De Schreeuw, van een andere schilder’—en met die terechtwijzing was ze iets kwijt van haar jaloezie: de knappe Piak doet altijd alsof ze lucht voor hem is.

Hoe het ook zij, ik zet in Wang Nuea mijn motorfiets altijd graag even langs de weg om van de reproductiekunst te genieten. En onlangs bracht deze me mijmerend zelfs dichter bij de bronnen van de moderne Thaise architectuur.
De bouwkunst van gezinswoningen, rijtjeshuizen en losstaande ‘optrekjes’ is in Thailand een al net zo’n rommelig en moeilijk te categoriseren allergaartje als in Nederland. De saaiheid en praktische aspecten lijken deze architectuur te domineren en wanneer decoratieve elementen een rol gaan spelen, dan slaan ze vaak door: denk aan de barokke waanzin van de tierelantijntjes van menig droomhuis van een Thaise parvenu. Iedereen heeft ze wel gezien, de villa’s die van top tot teen zijn getooid met een verscheidenheid aan Griekse en Romeinse zuilen, muren vol neo-klassieke ornamenten, daken bezaaid met beelden van nymfen, Apollo’s, cupido’s— en soms zit er nog wel eens een Thaise naga of een Chinese Godin van de Barmhartigheid tussen. Het is een fascinerende overreactie op het gemiddelde betonwerk waar smaak noch kraak aan zit!

Vincent-021-2: Gereproduceerde kunst in Wang Nuea: Vaas met twaalf zonnebloemen (Van Gogh). 2. Terrasse du café le soir (Van Gogh). 3-4: Nieuwbouw in Dok Kham Tai, Phayao (2014).

Maar het afgelopen jaar werd mijn oog steeds vaker getroffen door nieuwbouw die heel anders was. Kwa bouwstijl wel sober, maar de strakke lijnen worden er juist geaccentueerd met extra toegevoegde randen en ballustraden die me deden denken aan de Amsterdamse School, aan Mondriaan en Rietveld. Ook nieuw zijn de schreeuwende kleuren die overigens meestal sterk verschillen van het rood-met-blauw-met-zwart-en wit van de Amsterdamse School. Opvallend vaak zie je het warme oranjerood gecombineerd met fel bijna verblindend geel: de kleuren van Van Goghs beroemde zonnebloemen! En dezelfde kleuren gecombineerd met strakke lijnen geven de toon aan in Van Goghs Terrasse du café le soir, ook te zien in Wang Nuea. Interessant is dat de scholieren het doek niet helemaal precies hebben gekopieerd. De ramen van de donkere gevels op de achtergrond zijn in het origineel van onze nationale schilder weinig opvallend, in de reproductie op de schoolmuur trekken ze juist erg de aandacht: de ramen zijn groter en rechthoekiger en ze zijn bloedrood, blauw en ook geel), alsof er een Mondriaan is ingebouwd.
Het lijkt of de stijl van de Amsterdamse school en de kleuren van Van Gogh de moderne woningbouw in Thailand hebben geïnspireerd en dat de muurkunst in Wang Nuea daarbij een soort schakel is geweest. Maar over hoe de vork precies in de steel zit…
‘Riap roi,’ zuchtte Piak voldaan toen de laatste raampjes waren ingekleurd.
‘Lijkt helemaal niet op het origineel,’ mopperde Mali die er weer eens nieuwsgierig bij was komen staan.

Meer over architectuur aan de weg, met name de infantilisering van het landschap, in: Noord-Thaise wegen — een wintersprookje  . Een fraai voorbeeld van dat laatste bevindt zich ook in Wang Nuea, een paar honderd meter ten westen van de school, aan Highway 120: een kinderboerderij met schapen, een windmolen, en meer.

©SJON HAUSER: tekst en foto’s