Redactioneel-2013-01-januari-februari

Cover met Common Blackhead

De elegante Common Blackhead (Sibynophis collaris), een algemene slang in Thailands evergreen forests.

Agenda januari-februari 2013:

Eerste helft januari:
Chiang Mai Winter Fair (Ngan Ruedu Nao): een kruising tussen een grote kermis en een jaarbeurs met in de avond het optreden van bekende Thaise popgroepen, dit jaar o.a. Carabao, Endorphine en Sek Loso. Plaats: nabij het 700 Pi-sportstadion aan de noordkant van de stad.

12 januari:
Wan Dek (Kinderdag), een landelijk gebeuren waarbij bijzondere evenementen voor de kinderen worden georganiseerd. De jeugd wordt onder meer gedemonstreerd hoe mensen uit brandende huizen worden gered. Elders mogen kinderen in de cabine van tanks van het leger kruipen. En vaal worden ze verwend met snoep.

15 januari:
Een lezing van dr. Chia Youyee Vang, historica aan de universiteit van Wisconsin. De voordracht gaat over de Hmong, de meest beruchte bergstam van Zuidoost-Azië, en zal zich toespitsen op de culturele aanpassing van de Laotiaanse Hmong-vrouwen die na de Vietnamoorlog naar de Verenigde Staten werden gerepatrieerd. Plaats: Alliance Française, 138 Charoen Prathet Road tegenover Wat Chai Mongkhon en de EFEO. Tijd: 19.30 pm.

25 januari:
Naresuan Dag ter nagedachtenis van Koning Naresuan de Grote (begin 17e eeuw), de beroemde warrior king en patroonheilige van het leger. Ceremoniën en evenementen bij de verschillende Naresuan-heiligdommen in Noord-Thailand, zoals in Wiang Haeng, Pai, Mae Suai en Mueang Ngai. Op sommige plaatsen (Mueang Ngai) worden dan bijvoorbeeld hanengevechten georganiseerd. Meer over Naresuan en de aan hem gewijde dag in: Naresuan the Great, Thailand’s venerated warrior king .

10-12 februari:
Chinees Nieuwjaar (Jaar van de Slang). Het Jaar van de Draak maakt plaats voor het Jaar van de Slang. Het wordt uitbundig gevierd in steden met een grote Sino-Thaise gemeenschap, zoals Bangkok en Nakhon Sawan. Deze website draagt bij met twee nieuwe bewerkingen van oude verhalen, over Bangkoks fascinerende Chinese wijk Yaowarat: Yaowarat, Bangkoks bruisende Chinatown en over de ‘Chinese exodus’ en het succes van deze migranten: Chinezen overzee . In de meeste Noord-Thaise Lisu-dorpen valt de viering van het Lisu Nieuwjaar samen met Chinees Nieuwjaar. In deze dorpen wordt dan dagenlang gedanst en gezopen, een kleurrijk en levendig gebeuren. Zie: Lisu New Year, enacting ethnic culture in the mountains .

12 februari:
Een lezing over Tai supernaturalism door dr. Susan Conway van de School of Oriental and African Studies van de University of London. Plaats: Alliance Française, 138 Charoen Prathet Road tegenover Wat Chai Mongkhon en de EFEO. Tijd: 19.30 pm.

Happy New YearNIEUWS
Het nieuwe jaar belooft weer veel spannends. Dat schemerde zelfs een beetje door in de nieuwjaarsboodschap van Thailands geliefde koning Bhumibol Adulyadej—zo kwam het bij mij tenminste over.
De koning riep zijn volk op zijn wenskaart op compassie te tonen jegens de medemens zodat dat zal leiden tot gelukkige mensen.

Op de traditionele nieuwjaarskaart (rechtsonder) is de koning zelf afgebeeld, glimlachend en vergezeld van zijn twee lievelingshonden, Khun Thong Daeng en Khun Mali. De koninklijke boodschap en zegen staat er in dichtvorm op. Compassie zal leiden tot sterkere banden van zorgzaamheid en vriendschap.
Die compassie is wel nodig wil Thailand herrijzen uit de vijandelijke patstelling waarin de sterk verdeelde bevolking sinds jaren verkeert.
Het afgelopen jaar heeft weliswaar niet tot bloedbaden geleid, zoals in 2010, maar de twee rivaliserende groepen — grofweg de Roodhemden en de Geelhemden — zijn elkaar nog in het geheel niet nader gekomen, ondanks een groot aantal (vermeende) pogingen tot verzoening.
Tijdens een landelijke enquête gedurende de laatste week van het jaar liet 26% van de ondervraagden weten dat het wenst dat er een eind komt aan de sociale conflicten (meer dan de 21% die economische welvaart het belangrijkst vindt). En maar liefst 60% was van mening dat de politici hun gekrakeel moeten staken en in plaats daarvan zich moeten inspannen de gapende kloof in de maatschappij te overbruggen (meer dan de 25% die de corruptie van de politici als het urgentste probleem zien).
Overigens is een goede gezondheid voor koning Bhumibol hetgene ruim 50% van de ondervraagden het meest aan het hart lag. Vanwege gezondheidsproblemen verblijft de koning al ruim twee jaar niet meer in zijn paleis in Bangkok, maar in het hoofdstedelijke Mahidol Ziekenhuis.

Yingluckverzoening in ThailandDat verbroedering en verzoening mooie wensen zijn en nog ver van de werkelijkheid staan, bleek al meteen gedurende de eerste dagen van het nieuwe jaar. De People’s Alliance for Democracy (Geelhemden) is zich al weer aan het opmaken voor protestdemonstraties met het oog op de uitspraak van het Internationale Gerechtshof over een klein stukje grond (4 km²) bij de ruïnes van een oude Khmer-tempel op de grens van Thailand en Cambodja. Ze zullen zich er niet bij neerleggen wanneer dit aan Cambodja wordt toegekend en stellen de minister van buitenlandse zaken van het huidige Thaise bewind (waarvan de naar het buitenland gevluchte ex-premier Thaksin de touwtjes nog stevig in handen lijkt te hebben) min of meer aansprakelijk wanneer dat wel gebeurt en deze zich erbij neerlegt. Een ander heet hangijzer voor de Geelhemden zijn de door de huidige regering voorgestelde amendementen voor de constitutie van 2007. Ze zijn bang dat de amendementen het mogelijk zullen maken dat Thaksin ongestraft naar Thailand terugkeert om er het roer weer helemaal in handen te nemen.
Nu zal er eerst een volksstemming over die amendementen worden gehouden, maar ook dit is al weer genoeg reden voor Geel en Rood elkaar in de haren te vliegen.

Hoe gevoelig de tegenstellingen liggen bleek misschien in het nieuwe jaar op een ander front. De laatste aflevering van een korte maar populaire soapserie Nua Mek 2 op Kanaal 3 van de Thaise televisie werd op het laatste moment niet uitgezonden en men vermoedde dat dit onder druk van de regering (of misschien de militairen) was geschied. De hoofdpersonen in de serie zijn een Thaise premier en diens oneerlijke vice-premier. De laatste is betrokken bij dubieuze satellietprojecten en probeert zwarte magie aan te wenden om politieke gebeurtenissen naar zijn hand te zetten. Het loopt in de niet uitgezonden slotaflevering verkeerd af met de man en hij wordt zo’n beetje regelrecht naar de hel afgevoerd. Zonder te veel fantasie kun je in deze personen bestaande Thaise politici herkennen.
De Democraten (oppositie) spreken er schande van dat de serie is stopgezet. De leiding van het TV-kanaal beweert echter dat ze de beslissing helemaal zelf heeft genomen, zonder druk van buitenaf. En de reden zou zijn dat de slotaflevering te geweldadig is. Dat hadden ze ook al weken, maanden eerder kunnen weten…vreemd blijft het besluit dus wel. Bovendien, zo kwam onlangs aan het licht, was de serie eerst wel goedgekeurd.

Phu Hin Rong Kla

Berghellingen beplant met kool bij Thap Boek. Tijdens weekends in december en januari zetten duizenden Thaise wintertoeristen er hun tent op om te genieten van de kou.

Thaise wintertoerisme
Het koelere weer in het noorden werkt ook als een magneet op de bewoners van het altijd zweterig-warme Bangkok. De massale trek naar Mae Hong Son en andere frisse bergstreken begint in november en bereikt zijn hoogtepunt rond Nieuwjaar, dit jaar een lang weekend van vier vrije dagen. Het doet een beetje aan mooie zomerse dagen in Nederland denken wanneer iedereen naar het strand trekt en daar geen vierkante meter zand meer onbezet is. Rond Nieuwjaar lijkt half Bangkok de koelte op een paar bergen in het noorden op te zoeken. Zo’n 20 000 Thaise toeristen trokken bijvoorbeeld naar de prachtige tafelberg Phu Hin Rong Kla, waarvan er duizenden hun tentje opzetten op de glooiende velden bij het Hmong-dorp Thap Boek. De rest van het jaar is daar zelden een bezoeker te bekennen en in het regenseizoen zijn de velden beplant met kool (foto rechts).

Ik ging op 1 januari even op de motorfiets Doi Suthep op, de berg vlakbij Chiang Mai, een andere grote winterattractie. Tot aan de beroemde tempel (Wat Phra That Doi Suthep) was de tien kilometer kronkelweg naarboven bijna één lange file van overwegend auto’s uit Bangkok. En tot twee kilometer voorbij de tempel stonden er langs beide kanten van de bergweg auto’s geparkeerd. Verreweg de meeste bezoekers hadden het op het boeddhistisch heiligdom gemunt. Hoe stereotype het kudde-instinct zich over de platgetreden paden laat leiden bleek toen ik een paar kilometer hogerop mijn motorfiets langs de weg zette en een wandeling over een bospad naar de top van de berg maakte. In die twee uur kwam ik geen mens tegen.

Ongelukken en files
zandstoepa voor de dodeautowrakDe laatste dag van het lange weekend keerden de meeste bewoners van Bangkok weer in hun privéwagen of—tijdens een georganiseerd tochtje—minibusje naar de hoofdstad terug. En dat betekende nog een extra piek in de curve van het aantal doden en gewonden die er in de week rond Nieuwjaar in het verkeer waren gevallen.
Sinds enige jaren worden de verkeersdoden rond Nieuwjaar en een aantal andere feestdagen nauwkeurig bijgehouden en krijgen ze ruim aandacht in de media. Al dat cijferwerk (de provincie Chiang Mai was weer eens de recordhouder) in de media doet me denken aan een WK- of EK-voetbal met al zijn tabellen met uitslagen — maar nu zijn de doelpunten door lijken vervangen. De meeste doden vielen als gebruikelijk onder de bestuurders van motorfietsen en meestal was er alcohol in het spel. Er was een zekere stijging vergeleken bij het vorige jaar—ook geen grote verrassing.

De files in de bergen zal de pret bij de meeste vakantiegangers uit Bangkok niet gedrukt hebben. In Bangkok is men eraan gewend. Al dertig jaar geleden was de verkeerschaos in Bangkok berucht. Toen rond 1980 de angst voor een Vietnamese invasie aan menig Thai knaagde werd daarover de grap gemaakt dat Thailand niets hoefde te vrezen, de Vietnamese tanks zouden immers onherroepelijk vastlopen in het verkeer van Bangkok. Tien, vijftien jaar later moet de verkeerschaos nog groter zijn geweest. Voor honderdduizenden bewoners van de hoofdstad was het de gewoonste zaak geworden om ‘s ochtends op weg naar het werk drie uur in de file te staan en in de avond opnieuw enkele uren.
file BangkokWellicht was Bangkok toen ‘s werelds hoofdstad van de verkeersopstoppingen. Mijn persoonlijk record was dat ik er eens zes uur in een stadsbus had gezeten om van ergens in Thonburi (een wijk op de westoever van de rivier) naar het Ekamai busstation aan Sukhumwit Road te komen. In die zes uur had ik die afstand een keer op en neer kunnen lopen, maar een loodzware rugzak en mijn optimisme dat de opstoppingen zich weldra zouden oplossen hadden me ervan weerhouden uit te stappen en te gaan lopen.
De jaren daarna brachten talloze bovengrondse expreswegen (vaak tolwegen) en diverse metrolijnen en bovengrondse tramlijnen aanzienlijke verbetering in de verkeerssituatie.

Een ‘nieuwjaarsverrassing’ voor de bevolking van Bangkok was deze week de voorspelling dat de komende vijf jaar de situatie sterk zal verslechteren, doordat er het afgelopen jaar minstens een miljoen auto’s in de hoofdstad bij zijn gekomen. Hoe dat zo opeens kan? Gewoon, de regering van premier Yingluck Shinawatra (een jongere zus van de verbannen Thaksin) heeft het Thaise volk gestimuleerd auto’s te kopen. Wie nog geen auto heeft, koop z’n ding nu, je krijgt dertig jaar de tijd hem af te betalen. En je krijgt een bonus van 100 000 baht (2500 euro). Een goeie stimulans voor de economie op het eerste gezicht. Een of ander logistiek genie van de regering rekende onlangs uit dat de verkeersopstoppingen in Bangkok daardoor sterk zouden toenemen. Uitrekenen hoe ‘goed’ al die miljoenen verknoeide uren doorgebracht in de file voor de economie zullen zijn is wat moeilijker.

Man van het afgelopen jaar: Supoj
SupojDeputy prime minister Chaloem (Chalerm) had zeker een goede kans gemaakt Man van het Jaar te worden: hij was namelijk een keer zo dronken in het parlement verschenen dat collega’s hem overeind moesten houden; en ondertussen maakte hij seksistische grapjes tegen een vrouwelijk kamerlid van de oppositie. Later verklaarde hij zijn gedrag door te stellen aan een evenwichtsstornis te lijden.

Maar Chaloem moest toch de meerdere erkennen in Supoj Saplom, de voor de meeste Thais een jaar geleden nog onbekende permanent secretary op het ministerie van Verkeer.
Supoj had de pech dat er thuis bij hem was ingebroken. Hij ging naar de politie en verklaarde dat er voor 5,8 miljoen baht (150 000 euro) aan contant geld was gestolen—een hoop geld om in huis te hebben. De inbrekers hadden dan wel het geluk dat de buit de moeite waard was, maar een aantal mannen van de bende had de pech gearresteerd te worden. Dit was allemaal niet zo bijzonder. De zaak kreeg echter een staartje (staart, kun je gerust zeggen) toen de arrestanten beweerden dat ze in het huis van Supoj zeker een miljard baht (25 miljoen euro) aan cash hadden gevonden, veel te veel om in een keer mee te nemen (Supoj was die dag op de bruiloft van zijn dochter).
Lees verder: Miljardair Supoj .

Boekbespreking
Verhalen over Thailand—Literair debuut van Nederlander Antonin Cee
cocer boekAntonin CeeTussen eigen en ander
Nederlandstalige fictie gesitueerd in Thailand is er weinig. Bij het verschijnen van de verhalen van de Nederlander Antonin Cee waren mijn verwachtingen dan ook hoog gespannen, te meer omdat ik de auteur ken en vermoedde dat hij een goed verhaal in zijn mars had. Ik kende hem als iemand die geobsedeerd was door de culturele kloof tussen de Thais en de westerlingen, een fascinerend thema dat slechts summier wordt uitgediept in de vooral Engelstalige fictie over het Land van de Glimlach—een stapel romannetjes en verhalen die je al gauw naar Bangkoks bordelen en a go go bars meezeulen en waar de banaliteit en oppervlakkigheid vaak vanaf straalt. Vrijwel altijd zijn ze geschreven vanuit de wereld van een westerling die er woont of op bezoek is, op gespannen voet met de Thaise cultuur leeft, maar die tweespalt wordt zelden interessant uitgewerkt—meestal geeft de schrijver zich volop over aan beschrijvingen van hoe zot het er allemaal is, soms afkerig, maar ook wel vol sympathie en met overgave. ‘Hey man, this is Thailand!’ hoor je de auteurs voortdurend tussen de regels door schreeuwen.
Ik herinner me dat ik bijna 25 jaar geleden met Cee in een café in Chiang Mai een pilsje dronk en hij zich hardop afvroeg wat er nu eigenlijk in ‘die koppies van de Thais rondgaat’. En de jaren daarop kreeg ik de indruk dat Kiplings beroemde adagium ‘East is East and West is West’ hem dag en nacht kon bezighouden.
Cee’s vijf verhalen in zijn debuut Tussen eigen en ander tellen elk ongeveer dertig pagina’s en spelen zich af in Thailand — alleen in het laatste verhaal belanden we ook over de grens in Cambodja. In twee verhalen is de hoofdpersoon zelfs een Thai en ontvouwt zich stap voor stap de dramatische levensgeschiedenis vanuit diens gedachtenwereld. In De minotaurus graast rubber waarmee de bundel begint is dit een arme rubberplanter in het zuiden van het land, in Een verwarde vrouw, het derde verhaal, de dochter van een kleine ambtenaar uit het noorden die met een schatrijke Sino-Thai uit Bangkok trouwt en met hem in Bangkok een luxueus maar eenzaam leven zal gaan leiden.

Cee

Antonin Cee

Het gebeurt niet vaak dat westerse schrijvers van Thailand-literatuur zich gedreven verplaatsen in de wereld van hun Thaise personages. Ik vind dat het Cee goed afgaat en dat is een prestatie. De boer en de jonge vrouw worden realistisch en geloofwaardig geportretteerd. Soms had ik het gevoel, vooral bij de rubberboer, dat ik te maken had met vertaald proza van een Thaise schrijver als Khamsing Srinawk, Chart Korbjitti of Wimon Sainimnuan, waarin de problemen en het leed van de hoofdpersonen — doorgaans met een goede inborst maar gedoemd het onderspit te delven — gedetailleerd uit de doeken worden gedaan. Ze leven in een vijandige Umwelt van door en door slechte en onbetrouwbare mensen. In Cee’s verhalen loopt het dan ook slecht met hen af: de rubberboer wordt door gewelddadige intimidatie gedwongen een deel van zijn plantage — resultaat van jarenlang zwoegen en zweten — af te staan aan corrupte ambtenaren, de Noord-Thaise vrouw raakt door het overspel van haar echtgenoot zo gefrustreerd dat zij uiteindelijk het ‘heft in eigen hand neemt’ en in razernij de ultieme wraak neemt — een daad die in Thailand bekend staat als ‘de ganzen voeren’. Lees verder: Antonin Cee, Tussen eigen en ander.
Antonin Cee, Tussen Eigen en Ander
Verkoopprijs: € 14,95 (exclusief verzendkosten). Aantal pagina’s: 144. ISBN: 978-90-484-2763-5
Te bestellen bij: Free Musketeers

Natuur
Januari en februari zijn in Noord-Thailand doorgaans gortdroge en koele maanden waarin het bamboe geel kleurt en veel bomen hun bladeren laten vallen. De natuur lijkt in het geheel niet meer op die zompige, dampende en glinsterde massa van schier ondoordringbaar groen, zoals menig bezoeker van Thailand meent dat het het tropisch woud er altijd uitziet. De uitdrogende monsoon forests van het noorden ogen schraal en veel dierlijk leven is verborgen aan een soort winterslaap begonnen. Wel is het zo dat veel bomen en struiken deze tijd van het jaar hun schitterende, uitbundige bloesems produceren, zoals Bauhinia variegata, de Red Cotton Silk Tree, de Flame of the Forest en de Tigerclaw. Meer hierover in het artikel Bloesempracht in februari in Noord-Thailand .

Doi Inthanon cloud forestHauser natuurreizen
Het Thaise toerisme naar de bergen valt in december en januari samen met de piek van het internationaal toerisme naar Thailand. Voor de natuurliefhebbers onder de globetrotters zijn er nu enkele unieke door mij opgezette 6-daagse natuurreizen.
Behalve dat ze de mooiste natuurgebieden in het noorden zullen bezoeken, en veel uitleg krijgen over de natuur die zo heel anders is dan in de gematigde streken, zullen ze aspecten van de Thaise cultuur te zien krijgen die in de meeste reizen niet aan de orde komen, zoals geestenverering en het verbouwen van bijzondere gewassen. En dat vindt allemaal plaats in delen van Noord-Thailand die zelden door toeristen worden bezocht. Zie ook: Natuurreizen / Nature Tours De reizen worden uitgevoerd onder de vleugels van het reisbureau Greenwood Travel in Bangkok en meer informatie erover vind je ook op de website: www.greenwoodtravel.nl/Thailand/nanroute.php en http://www.greenwoodtravel.nl/Thailand/wang-chin-route.php
cicadeWat deze reis vooral zo bijzonder maakt is mijn kennis van de Thaise natuur. Je wilt wel eens weten wat dat oorverdovende, vibrerende lawaai is tijdens een boswandeling. Op een gewone tour krijg je als antwoord ‘cicada, sama same beetle’ en daarmee is de kous af. Van mij krijg je een heel betoog over deze lawaaiige insecten, waar ze zich ophouden en hoe ze hun ‘kettingzagen’- en ‘fluitketel’-tonen produceren, een heel verhaal (zie: Cicades, de herrieschoppers in het bos ) temidden van de imposante tropische natuur.

NIEUWE VERHALEN: ‘Betel pruimen’. Een nieuw verhaal over een oud, onschuldig genotmiddel gaat over het pruimen van stukjes arecanoot met peperblad en ongebluste kalk. Een eeuw geleden pruimde vrijwel elke Thai ‘betel’ nu is het gebruik sterk op zijn retour. Meer hierover in: Betel quid .
Sinds de jaren negentig van de vorige eeuw wordt Thailand gemangeld door de verslaving aan metamfetamines (speed), een van de grootste sociale problemen in het land. Nog steeds wordt Thailand overspoeld met metamfetaminen uit Myanmar. Vrijwel elke dag legt de politie de hand op partijen van miljoenen speedpillen en worden de handelaren en couriers gearresteerd, al lijkt dat soms op dweilen met de kraan open. Hoe de speedcrisis in Thailand begon, is te lezen in: Speedcrisis in Thailand .

SLANGENNIEUWS: Kukri-slangen

kukri snake

Een kukrislang uit droog dipterocarpenbos in het district Sop Moei van de provincie Mae Hong Son. Waarschijnlijk betreft het de soort Oligodon cyclurus en niet de elders in Thailand heel algemene Oligodon fasciolatus die er sprekend op lijkt.

In Noord-Thailand komen een stuk of vijf soorten kukri-slangen voor. Eentje behoort tot de algemeenste slangen in het land. Tot nu toe heb ik er nauwelijks over geschreven, behalve vijf maanden geleden, maar dat was terzijde van de vondst van juist een zeer zeldzame variëteit van de op zich al niet erg algemene Oligodon cinereus (de Engelse naam “Grey Kukri Snake” is zo slecht gekozen dat ik hem liever niet gebruik.)

juveniele kukri snake

Een jonge Oligodon fasciolatus uit Pang Mapha in Mae Hong Son met een scherp getekend masker en duidelijke lengtestrepen en dwarsbalken.

Nu meer over die heel algemene slang, de (Common) Banded Kukri Snake (Oligodon fasciolatus). Dat is een beige slang met een variabel bruin patroon die meestal niet groter is dan 80 cm en zich veel in het laagland ophoudt. Het dier heeft een zekere voorkeur voor plaatsen waar mensen wonen, zelfs middenin steden zoals Chiang Mai en het liefst met water in de buurt, al is het beslist geen waterslang. Deze slang heeft een karakteristiek patroon op de kop dat doorloopt over de nek, een soort complex boevenmasker. De voorste band ervan gaat dwars over de snuit en de ogen (witte pijl op de foto hiernaast). De band daarachter (rode pijl) is gebroken en de twee pootjes ervan buigen wat af naar achteren. De derde band (lichtblauwe pijl) is het grootst en V-vormig en begint tussen de opening in de tweede band; de twee pootjes ervan lopen breed uit naar achteren tot ver in de nek en vervagen aan de zijkant bij de buikzijde. Waarschijnlijk wordt deze slang vanwege dit masker door veel Thais voor een cobra gehouden, hoewel een monokelvormig- of brilvormig teken op de verbrede nek van een cobra er toch echt heel anders uitziet en bovendien bij cobra’s vaak ontbreekt. (Heb je het slangennieuws over cobra’s van de vorige maand gemist, dan kun je dat nu lezen in: Cobra van Noord-Thailand—Naja siamensis .)

teeth kukri snake

Onder- en bovenkaak van een kukri-slang.

De Thais die wat meer van slangen afweten noemen de gewone kukri ngu pi kaeo — de ‘fluit’-slang — want het lichaam is bezaaid met een dozijn vlindervormige, donkere dwarsbalkjes (foto boven: gele pijlen) die op rergelmatige afstand van elkaar liggen en aan de gaten van een traditionale Thaise fluit (pi kaeo) doen denken.Verder zie je op de foto dat aan elke kant van het lichaam twee bruine lengtestrepen lopen, die bij de wervelkolom wat breder dan die aan de zijkant van het lichaam. Het dier op de foto is een jonkie dat de weg over kroop. Ik zette zachtjes mijn schoen op zijn staart en meteen beet hij er fel in. Het zijn felle dieren en de volwassen dieren kunnen gemene wonden toebrengen. Soms ontbreken de dwarsbalken en bij oudere dieren vervaagt het patroon (met of zonder balken) een beetje. Veel wat oudere slangen hebben een netwerk van korte donkere zigzaglijntjes over hun lichaam dat soms duidelijker is dan de balken en strepen. En er schijnen regionale verschillen te zijn. In Noord-Thailand hebben de meeste dieren wel lengtestrepen, maar niet altijd dwarsbalken. In Centraal- en Noordoost-Thailand ontbreken de lengtestrepen meestal en zijn de dwarsbalken vaak markant en ronder dat bij de Noord-Thaise dieren.
Rechts zie je het gebit van een kukri snake. In de bovenkaak zitten maar een paar tanden (bij veel andere soorten wel meer dan twintig) en de Latijnse naam Oligodon van het geslacht waar de meer dan 70 soorten kukri slangen toebehoren betekent dan ook ‘weinig tanden’. De achterste tand is echter sterk vergroot en dolkvormig en daarop berust de Engelse naam van deze dieren: een ‘kukri’ is het wat gekromde, grote mes dat de Nepalese ghurka’s traditioneel bij zich dragen. En het is met de vergrote achterste tanden dat deze felle beestjes pijnlijke wonden kunnen toebrengen. In de natuur dienen die ‘kukri’-tanden waarschijnlijk vooral voor het opensnijden van de taaie schaal van reptieleneieren. Als daarmee een flinke scheur in een ei is gemaakt steekt de kukri slang zijn kop naar binnen om de voedzame inhoud op te slurpen.
De Britse herpetoloog Malcolm Smith noemde het ‘hoogst venijnige schepsels’. De Amerikaan Edward Taylor, die in de jaren zestig van de 20e eeuw onderzoek deed naar de rijkdom aan slangen in Thailand, ving regelmatig een Oligodon fasciolatus en vond het ook geen leuke dieren: ‘Ik vond deze slangen erg omplezierig om mee om te gaan want ze bijten snel. Zelfs wanneer je de kop in je hand houdt, heeft de slang de neiging de achterkant van de bovenkaak naar opzij te drukken en te bijten, waarbij het de achterste tanden schijnen te zijn die door het vlees dringen en hevig bloeden veroorzaken.’
Dat heftige en langdurige bloeden en het langzaam genezen van de wondjes wordt waarschijnlijk veroorzaakt door het gif dat deze dieren in gifklieren produceren en dat bij de beet in de wond komt (al is de kukri-tand geen echte, holle giftand waar de gifklier op uitkomt). Erstige verschijnselen zijn niet bekend, maar ook duizeligheid en hoofdpijn zijn beschreven als gevolg van een beet van kukri slangen.

reclame boek

Thailand. Zacht als zijde, buigzaam als bamboe

Mijn bekendste en alom geprezen boek over Thailand, Thailand. Zacht als zijde, buigzaam als bamboe, was het afgelopen jaar opnieuw als pocket uitgegeven. Nu niet mij Good Old Nijgh & Van Ditmar, maar in de serie Rainbow Pockets van Uitgeverij Maarten Muntinga. Toen ik de presentexemplaren kreeg opgestuurd ergerde ik me weer eens. Het boek had de lelijkste omslag gekregen sinds de eerste druk meer dan twintig jaar geleden: een foto van peddelbootjes op de drijvende markt van Damnoen Saduak. Een nog clichématiger en toeristischer plaatje had men werkelijk niet kunnen bedenken. En dat terwijl er steevast over mijn boek wordt gezegd dat het de clichés over Thailand doorbreekt en het echte Thailand achter de façade van het toerisme laat zien.
Twee maanden geleden kreeg ik bericht dat Muntinga failliet is. Ik kan dus fluiten naar mijn royalties. Het boek is gelukkig nog verkrijgbaar als paperback (Nijgh & Van Ditmar). In Chiang Mai zijn er nog genoeg exemplaren te koop van de 13e druk met de mooie cover: voor 600 baht.
Het faillissement van Muntinga staat niet alleen. Eerder raakten andere uitgevers en boekendistributeurs in de problemen. Met de meeste tijdschriften gaat het ook al niet best. De meeste zijn jaren geleden al aan het bezuinigen geraakt. Het is begrijpelijk dat schrijvers en journalisten daar zwaar onder hebben moeten lijden, ik niet op de laatste plaats.
Als oorzaak is de opmars van het internet, deze hoerenkast van onbenul waarmee het nieuwe millennium werd ingeluid, wellicht net zo belangrijk als de slechte economische situatie. Vooral informatieve boeken (zoals reislectuur) moeten het afleggen tegen de informatie op het internet.

Ben je in Chiang Mai en ben je geïnteresseerd een of meer exemplaren van mijn boeken te kopen, neem dan graag contact op: Contact .

©SJON HAUSER: tekst en foto’s