Noord-Thaise wegen – een wintersprookje

infantile landscapes

De infantilisering van het Noord-Thaise landschap

Cultuur versus Natuur. Nature en nurture.
Deze twee termen zo naast elkaar klinken een beetje als ontsnapt uit een betoog in de jaren zeventig. Dertig jaar geleden werd er nog driftig gediscussieerd over de maakbaarheid van de mens—over in hoeverre diens gedrag erfelijk is vastgelegd en in hoeverre cultureel bepaald. Er werd over dat soort zaken gepraat en er werd betoogd—nu doet men alleen nog maar aan marketing. Die tijd was in Nederland ook de bakermat van milieubewustzijn en milieugroeperingen.
In Thailand heeft altijd een sterke wisselwerking tussen de samenleving en de natuur bestaan. Soms wordt wel gesuggereerd dat Zuidoost-Azië tot voor kort uit een onafzienbare, ongerepte jungle bestond, maar dat is een verkeerd beeld. Ook al was de regio dun bevolkt, de mens had er de natuur ingrijpend veranderd. Bodemkundige en archeoloog Willem van Liere komt dicht bij de werkelijkheid als hij in zijn rapporten over de Mekong Regio stelt dat echt natuurlijk oerbos er al lang geleden is verdwenen.
In de 17e eeuw werden in Thailand op grote schaal olifanten gevangen en naar India geëxporteerd—misschien bloeide deze handel zelfs al eeuwen eerder. En in de 19e en 20e eeuw werden de Thaise bossen zo grondig geëxploiteerd door westerse ondernemingen dat natuurlijk teakbos nu vrijwel niet meer bestaat. Ik kan nog wel even doorgaan met het geven van voorbeelden—over slash and burn, over het promoten van cash crops, enzovoorts) maar dat ontaardt al gauw in gezeur in mineur.
Liever ik wil iets vrolijks kwijt over een recent aspect van ‘mens en natuur’ in Noord-Thailand, een wonderbaarlijk fenomeen dat niet zo zeer tot een ingrijpende degradatie van de resterende natuur heeft geleid, maar tot opmerkelijke veranderingen van het ‘uiterlijk’ van het landschap langs de weg, met name op de toeristische routes door de bergen van het Noorden.

sprookjes en speelgoedbeestenIk bedoel de proliferatie van wegrestaurants, koffiehuisjes, resorts en andere uitspanningen in de natuur die het aanbieden van een prijzig kopje koffie en gratis gebruik van proper sanitair combineren met een verscheidenheid van attracties om de aandacht van de weggebruiker te trekken. Die attracties hebben veelal met elkaar gemeen dat ze nogal of zelfs heel erg infantiel overkomen. Nu eens meen je in de Efteling te zijn beland, dan weer roepen ze de beelden van een Disney-film voor de geest. Of ze doen je denken aan de glitterplaatjes in de poëziealbums uit je jeugd. Het aantal beelden of poppen met een overduidelijk ‘Kindcheneffekt’ en hoog knuffelgehalte is overrompelend en een enkele uitspanning is zo ver gegaan een kinderboerderij met een levende have van schapen en konijnen in te richten. Bonte kleuren en pasteltinten domineren—vooral roze en rood. De liefde voor het echte dier en het speelgoedbeest vloeit naadloos over in de liefde die tussen mensen kan opbloeien. Je struikelt over de cupido’s en beelden van bloedende harten en hartvormige frames voorzien van zoete teksten en liefdesboodschappen waarmee bezoekers zich op de foto kunnen zetten. Het is een sprookjeswereld van suikertaarten, een ludieke chaos als in een kindercrèche.
De namen van deze Thaise Raststätte verwijzen vaak naar bergen of andere elementen uit de Noord-Thaise natuur en zijn in romantische krulletters of bizarre fonten op borden en gevels geplaatst. Soms heeft elke letter een andere kleur alsof er met smarties is gestrooid—de bezoeker zal er vergeefs zoeken naar het rustgevend Times New Roman of sober Arial. Behalve de overdaad aan kinderlijke en puberale puppy love elementen, zijn er opvallende, soms reusachtige gimmicks die een associatie leggen met de koele bergen of met iets dat ver weg en exotisch is, zoals beelden van reusachtige aardbeien of windmolens. En de levenselixer in deze droomwereld aan de highway door berg en dal is een geurend kopje koffie tegen een vaak gepeperde prijs. Waar komt deze vereftelingisering van het Noord-Thaise landschap vandaan, wat is de diepere betekenis ervan en waar zal het naartoe gaan?
Laten we de verschillende elementen eens stuk voor stuk aan een nadere beschouwing onderwerpen.

koffieCoffee Me
Toen ik in 1979 naar Thailand kwam speelde koffie er een geringe rol. In toeristenhotels werd doorgaans een slap bakje oploskoffie geserveerd. De koffie die ‘s ochtends in lokale restaurantjes en bij markstalletjes werd geschonken was daarentegen een bitter brouwsel verkregen door heet water te gieten door een sok met koffieprut en aan te lengen met zoveel gecondenseerde melksiroop dat het eindproduct mierzoet is en de mond grondig moet worden nagespoeld met Chinese thee—die wordt er dan ook gratis bij geserveerd.
De afgelopen tien jaar hebben koffiehuizen die een keuze aan echte koffie serveren—expresso, capuchino, café au lait—een grote opgang gemaakt. In het algemeen was en is de prijs voor een kopje koffie er hoog, ongeveer het dubbele van een kuai thieo nam-gerecht (een volwaardige maaltijd) aan een straatstalletje of in een klein restaurant. De nieuwe koffiehuizen, aanvankelijk vooral van ketens als Starbucks, Amazon, Doi Chang Coffee en Wawi Coffee, spraken de gewone man alleen al vanwege de hoge prijs niet aan, maar trokken wel bezoekers uit de Thaise middenklasse. Behalve een kopje koffie (soms met een gebakje erbij) kregen die een propere en rustige omgeving met air conditioning voor hun geld. Deze coffeeshops werden een vertrouwd beeld in de steden en aan de snelweg. Geleidelijk werd koffie door een groeiend deel van de Thaise bevolking gewaardeerd als een aangename warme drank of—met ijsgruis of ijsblokjes erin—als een lekkere verfrissing. Mogelijk speelde het opkikkende effect van de koffie ook een rol bij deze succesvolle doorbraak. Weggebruikers werden er in die tijd van doordrongen dat slaperigheid naast alcoholgebruik een hoofdoorzaak is van dodelijke ongevallen.
In Noord-Thailand was er vooral na 2005 een sterke toename van deze zaken langs de wegen. De laatste jaren heeft de koffiecultuur zich zelfs explosief ontwikkeld en werd ze bezwangerd met liefde en een overdaad aan infantiele en exotische elementen.

ravage en wederopbouw in PaiThais wintertoerisme
Waarschijnlijk speelde de ramp van Pai daarbij een rol. Acht maanden na de tsunami van december 2004 werd Noord-Thailand geteisterd door zware regenval. In Pai leidde dat in augustus 2005 tot overstromingen en landslides—de ravage was enorm. In een naburig Lisu-dorp (Nam Rin) kwam zelfs een tiental bewoners om nadat hun hutten door een zondvloed van water, modder en boomstammen werd meegesleurd. Pai was in de jaren ervóór uitgegroeid tot een topbestemming van de buitenlandse toerist, een soort ‘Ko Samui in de bergen’, maar trok toen ook steeds meer Thaise wintertoeristen.
Het Thaise wintertoerisme naar het Hoge Noorden bestond al lang en had er op talloze plaatsen ruimschoots accommodatie in het leven geroepen. Deze bezoekers komen vooral uit Bangkok en Centraal-Thailand en omdat het koele klimaat in de bergen voor hen de grote trekpleister is, is dit toerisme geconcentreerd in de maanden november-februari. De duur van een bezoek aan het Noorden is zelden langer dan vijf dagen. Een aantal feestdagen met een daarop aansluitend weekend maken een vakantiereisje van 3-5 dagen in de winter vaak mogelijk. Voorlopers hiervan waren de schoolreisjes met de trein naar Khun Tan (Lampang/Lamphun). In de jaren negentig werden enkele koele bergstreken druk bezochte bestemmingen, zoals Khao Kho en Phu Hin Rong Kla (Phetchabun, Phitsanulok), Phu Ruea (Loei), Doi Suthep, Doi Inthanon en Doi Ang Khang (Chiang Mai), Phu Chi Fa (Chiang Rai) en Umphang (Tak). Dit zijn in meerderheid plaatsen die relatief weinig door de buitenlandse toeristen worden bezocht. De kleurrijke bergvolkeren waren een attractie voor de Thaise wintertoeristen (net als voor de buitenlanders) en in Chiang Mai en Chiang Rai waren zelfs druk bezochte ‘hill tribe bazaars’. Er was evenwel zelden sprake van een differentiëring in infantiele gimmicks en liefdethema’s. In het nieuwe millennium groeide de ‘Mae Hong Son-loop’ uit tot een topbestemming van deze Thaise wintertoeristen.

gimmicksLaten we even stil staan bij de uitgestrekte berghellingen met bloeiende ‘zonnebloemen’ in Mae Hong Sons district Khun Yuam. Opmerkelijk is dat dit een van de grote trekpleisters voor de Thaise wintertoeristen is, maar voor buitenlandse toeristen nagenoeg geen rol speelt. Voor bezoekers uit Bangkok gaat er een enorme bekoring uit van het kleurrijke, gecultiveerde landschap, zoals de tuinen van Royal Projects (Doi Inthanon, Doi Ang Khang, Mae Fa Luang) en het pseudo-gecultiveerde landschap vol bloeiende zonnebloemen.
Landscaping speelt bij de nieuwe resorts aan de bergwegen dan ook een grote rol. Berghellingen worden ontbost en gedeeltelijk afgegraven waardoor terrassen ontstaan. Er worden vijvers gegraven, grasvelden en rotspartijen aangelegd en soms een kapitaal aan ‘sierheesters’, zoals palmen en Dracaena, geplant. De wilde natuur wordt gecultiveerd. Typerend is dat de meeste Thaise toeristen zich meer aangetrokken voelen tot de siertuinen rond de twee koninklijke chedi’s op Doi Inthanon, dan tot het indrukwekkende nevelwoud wat hoger op de berg.
In de jaren voor de ramp werd bij het bouwen van nieuwe accommodatie rekening gehouden met de groeiende stroom Thaise bezoekers. Bewoners van Bangkok kwamen steeds vaker met de eigen auto naar het noorden, maar ook de groepsreisjes per mini-bus floreerden. Rond 2005 waren de crisisjaren volgend op de financiële crash van 1997 verleden tijd en rolde het geld weer in Thailand. Mogelijk had de bezinning tijdens de crisis ertoe bijgedragen dat veel Thais uit de middenklasse ervoor kozen het vermogen van hun 4WD-wagen uit te proberen in de bergen in plaats van een dure vakantie in het buitenland.
Omdat Pai zijn toeristisch potentieel al had bewezen, durfden ondernemers van elders er na de ramp grootschalig te investeren in nieuwe toeristische infrastructuur. Dit resulteerde in een explosieve bouw van fancy accommodatie. Aan de bouw van de resorts ging uitgebreid landscaping vooraf, terwijl een verscheidenheid aan gimmicks diende de aandacht van de Thaise wintertoeristen te trekken. Deze ontwikkeling zette zich vervolgens voort langs de weg van Mae Malai naar Pai (Highway 1095) om vandaaruit een een aantal andere bergroutes te infecteren—het eind lijkt nog niet in zicht.

windmill and fin de siecle Aardbeien in een ‘wintersprookje’
Aardbeien zijn alom aanwezig bij de recente neo-romantische resorts en Raststätte aan de Noord-Thaise wegen. De aardbei is dan ook een symbool bij uitstek voor zowel ‘exotisch’ als voor het winterse noorden, terwijl de vrucht met zijn fel rode kleur uitstekend past in de sprookjeswereld van het infantiele landschap. Meer nog: de aardbei vertoont een sterke gelijkenis met het hart en is daardoor zo sterk geassocieerd met liefde dat het een liefdessymbool op zichzelf geworden is. Dat is natuurlijk niets nieuws, die associatie bestaat al lang. Bovendien kunnen ‘velden met aardbeien’ sinds het uitkomen van hitsong Strawberry Fields Forever van de Beatles (1966)— later uitgebracht op het album Love—gemakkelijk gezien worden als een vlucht in de wereld van het kind (Strawberry Fields verwijst naar een tuin waarin John Lennon speelde als kind in Liverpool). Internationaal toerisme speelde tot de jaren tachtig slechts een bescheiden rol bij het introduceren van populaire westerse cultuur in Thailand, maar al eerder had de aanwezigheid van tienduizenden Amerikaanse adviseurs en luchtmachtpersoneel en honderdduizenden soldaten uit Vietnam op verlof voor Rest & Recreation de Thais vertrouwd gemaakt met westerse popmuziek en country songs. In hoeverre de symboliek van de aardbei via westerse muziek op de Thaise psyche heeft ingewerkt is moeilijk na te gaan.
Voor de Thais was de vrucht aanvankelijk vooral exotisch. Een Thaise naam bestaat er niet voor en het Engelse strawberry ( ‘sa-tro-be-ri’ ) werd daarom overgenomen, met zijn moeilijke r-klanken een bij uitstek exotisch woord. De aardbei werd pas in de jaren zeventig in Thailand geïntroduceerd. De vrucht kan slechts verbouwd worden in de koele bergen van het Noorden en het kweken ervan werd sterk gepromoot als gewassubstitutie (voor papavers) onder de ‘exotische’ bergvolkeren, met name de Hmong. De associatie van de aardbei met het koele noorden en de exotische bergvolkeren speelt minstens zo’n grote rol als de liefdessymboliek. Hiervoor pleit dat rode rozen, toch bij uitstek geassocieerd met liefde (zeer populair op Valentine Day) nagenoeg ontbreken bij de nieuwe uitspanningen. Overigens is Thailand de afgelopen jaren vertrouwd geraakt met publieke liefdesbetuigingen, het werd er als het ware mee overspoeld. Nu eens zag het er geel van de Rao Rak Nai Luang (‘We love the King’), dan weer rood-wit-blauw van de Thai Rak Thai (‘Thai Love Thai’) Partij van Thaksin—overdadige liefdesbetuigingen die bijna tot een burgeroorlog hebben geleid! Daarnaast is de associatie van ijskoud, liefde en aardbeien gemeengoed door het vignet van ‘s lands populaire ijsco’s van Wall’s. Het vignet bestaat uit een rood hart en wordt op reclameposters vaak vergezeld van een aardbei.

aardbeienChill Chill
Voor de bewoners van Bangkok is het koele winterklimaat in de Noord-Thaise bergstreken een hoofdreden om hun kleffe, broeierige hoofdstad te ontvluchten en de kou op te zoeken. De exodus in december heeft veel gemeen met de trek naar de zonnige Spaanse stranden gedurende de Europese zomer. Voor een Thai is een wintervakantie in het Noorden mislukt wanneer hij niet verkleumt. Een reisje naar Pai en Mae Hong Son waarbij het kwik niet beneden de tien graden Celsius daalt is even mislukt als een verregende strandvakantie aan de Rivièra. Bezoekers uit Bangkok willen echt rillen van de kou—het Chill Chill Resort in Pha Tang (Chiang Rai) appeleert met zijn naam aan dat verlangen. Tegen bevroren oren wapent men zich met bivak- en bontmutsen die overal te koop liggen. Mutsen getooid met een speelgoedbeestje zijn het populairst. Met zo’n ding op het hoofd stelt men zich op bij een enorme aardbei of onder een hartvormig, roze prieel. Zo wil men op de foto, met de bergen op de achtergrond, dat is pas echt vakantie…alles is dan doortrokken van een winterse sprookjesliefde.

schapenTot slot wil ik nog een paar opmerkingen maken over die overdaad aan poppetjes, beestjes (speelgoed of levend), exotische gimmicks en de bonte kleuren bij de neo-romantische koffiehuizen annex kinderboerderijen. Het doet me sterk denken aan de plaatsen waar tutelary spirits, de geesten die over het land waken, worden vereerd. Vaak bevinden die zich op het hoogste punt van een bergpas en worden enkele grote geestenhuizen er vergezeld van rijen van soms honderden kleine geestenhuisjes op een voetstuk die er later bij geplaatst zijn. De meeste zijn overladen met offerandes, vooral bloemslingers en tukata’s, gipsen miniatuurbeesjes en poppetjes, en flesjes limonade (met name Fanta Rood). Een bont geheel en ik vraag mij af of die infantiele beeldentuinen bij de Coffee We’s, Coffee Me’s en Pai in Love’s misschien ook een soort offerandes zijn waarmee een of andere geest wordt goedgestemd. Dat laatste is overigens niets te veel gevraagd, uiteindelijk hebben de eigenaren of exploitanten met landscaping korte metten gemaakt met de natuur en een ernstige inbreuk gedaan op het domein waarover de lokale geest waakt. Zijn de schaapjes, aardbeien, slagroomtaartjes, Ganesha’s, paddestoelen en schommelende poppetjes in feite een soort tukata’s die aan de uit hun humeur gebrachte geesten worden geofferd? (Vooralsnog wordt er niet getoeterd.)
Dat we hier mogelijk met (onbewust) ritueel te maken hebben, verklaart nog niet waarom veel van de nieuwe ‘Van der Valks in de Thaise Bergen’ commercieel geen succes lijken te zijn, maar dat er desondanks steeds meer van deze etablissementen bijkomen. Enkele regenachtige augustusdagen zijn natuurlijk ontoereikend om volledig inzicht te krijgen in het Thaise wintertoerisme. Ik verheug me nu dus al op de koele decemberdagen wanneer ik in Mae Hong Son of Chiang Rai met eigen ogen zal observeren hoe de inzittenden van Fortuners, Pajero’s en Everests uit Bangkok, die zich in files door de bergen slingeren, er met de sprookjeswereld interacteren of er de aardbeienliefde bedrijven. Ik houd je op de hoogte.

namen resorts e.d.