Naga-vuurballen, mysterieuze lichtflitsen aan de Mekong

poster met mariniers en oarfish

De beroemde poster met de Amerikaanse mariniers die een aangespoelde oarfish optillen.

Ok Phansa, het einde van de boeddhistische vastenperiode, valt op een dag in het najaar wanneer het volle maan is. Dan zullen er honderdduizenden mensen naar de provincie Nong Khai in Noordoost-Thailand toestromen om het jaarlijkse verschijnsel van de uit de Mekong opstijgende vuurballen te aanschouwen. Is het een natuurlijk of een bovennatuurlijk verschijnsel, of gewoon maar bedrog?

Nagas zijn enorme, mythologische serpenten die in een groot deel van Zuid- en Zuidoost-Azië worden vereerd. Ze zijn verwant aan de draak die door de Chinezen en Vietnamezen wordt hooggeacht. Waarschijnlijk is de nagaverering ontstaan in het oude India, waar het zich heeft ontwikkeld uit eerdere animistische slangenculten, met name die van de dodelijke cobra’s en koningscobra’s. Nagas hebben zich stevig geworteld in de folklore van zowel hindoes als boeddhisten en zijn een symbool van regen en vruchtbaarheid. Ze zijn ook verbonden met geheime bronnen en worden beschouwd als toegewijde beschermers van Boeddha en zijn leer. Toen deze religies zich over Zuidoost-Azië uitbreidden, vestigde de nagaverering zich daar ook stevig.

Op weinig plaatsen is de verering van deze reusachtige serpenten meer in het oog vallend dan in de ‘waterculturen’ langs de Mekong. In de folklore is de oorsprong van de rivier zelf verbonden met naga’s, terwijl de verschillende volkeren die aan de Mekong leven van een Naga Koning of zijn dochter zouden afstammen. Voor de locale mensen bestaan deze wezens echt en velen beweren dat ze naga’s in de rivier of in andere waterbronnen, zoals heilige vijvers, hebben gezien.

Het naga-festival Bang Fai Phaya Nak (‘de vuurballen van de Naga Koning’) in de Thaise provincie Nong Khai is een onovertroffen spectakel. Op de avond van Ok Phansa — het einde van de boeddhistische vastenperiode gedurende welke de monnniken in hun tempel blijven om zich te concentreren op hun religieuze plichten — komen honderdduizenden bezoekers uit heel Thailand bijeen op de oever van de Mekong  om een facinerend verschijnsel te aanschouwen. Grote aantallen oranje vuurballen stijgen dan op uit de rivier om in de donkeren hemel omhoog te schieten. De vuurballen verschijnen maar eens per jaar en meestal begint het fenomeen kort na zonsondergang.  Ze zijn waargenomen van Sang Khom, 90 kilometer bovenstrooms van de provinciehoofdstad tot Bueng Kan, 135 kilometres benedenstrooms — kortom in het grootste deel van de provincie dat grenst aan de Mekong. Ik was in Nong Khai op de dag van het spectakel en passeeerde een nong (meertje, moeras) waar de locale mensen zich voorbereidden op de komst van vele bezoekers, want op Ok Phansa van vorige jaren waren ook naga-vuurballen vanuit het meertje de hemel in gevlogen.

Het episch centrum van het mysterieuze fenomeen ligt echter bij het kleine stadje Phon Phisai, 45 kilometres ten westen van de provinciehoofdstad. Een aantal tempels ligt er op de oever van de Mekong en tienduizenden bezoekers komen er in de namiddag van de bijzondere dag samen. Ik wurmde mij door de menigte in de richting van de oever. Er heerste een feeststemming en veel mensen genoten van snacks die bij tientallen stalletjes te koop waren. Allen wachten op het ondergaan van de zon. Een paar minuten voor zonsondergang viel het me op dat een van de wolken boven de Laotiaanse oever aan de overkant sprekend op een naga leek, het voorhoofd getooid met een langgerekt uitsteeksel, maar kennelijk was ik de enige die dat opviel want niemand sloeg er verder acht op.

Mensen die vaak in Thaise tempels komen zijn vertrouwd met naga’s, vooral in het noorden en noordoosten van Thailand waar beelden van deze mythologische serpenten de ingang van tempelgebouwen bewaken. Er kunnen aanzienlijke verschillen tussen de talloze nagabeelden bestaan, maar in het algemeen zijn de schubben van het serpent groen, terwijl de kam rood of goudkleurig is. Gewoonlijk staat de bek open en zie je talloze dolkvormige, witte tanden en een rode, puntige tong (zelden  een gespleten  tong zoals slangen  hebben).

beelden van naga's

(links): Deze naga waarvan de kop is ingelegd met kleine blauwe tegeltjes bewaakt de toegang tot Wat Phra That Si Son Rak, een zeer vereerde tempel in het district Dan Sai in Loei. (rechts): Het beeld van een naga in de Chiang Dao-grot in het district Chiang Dao in Chiang Mai.

Vaak hangt er een uitsteeksel aan de kin, een soort sik, die wat lijkt op de kam op de kop. Behalve één enkele kop kan het monster ook vijf, zeven en soms negen koppen hebben — die meerkoppige vormen worden beschouwd als phaya nak of ‘Nagakoningen’ (nak is het Thaise woord voor naga).

Vanuit kunsthistorisch oogpunt hebben naga’s and phaya nak waarschijnlijk een verschillende oorsprong, zoals is betoogd door ichthyoloog (een bioloog gespecialiseerd in vissen) Tyson Roberts, maar voor de meeste Thais zijn het twee nauw verwante wezens of misschien wel verschillende vormen van één en hetzelfde wezen.

Na zonsondergang verschenen de contouren van naga’s boven het water, die gevormd werden door honderden lampjes die waren ontstoken en bengelden aan draden gewonden rond bamboeconstructies op een aantal vlotten dat aan de oever gemeerd lag. Je voelde dat de spanning onder de menigte toenam …en opeens vloog de eerste vuurbal de donkere hemel in en begon men te schreeuwen en te applaudiseren. Ik had het projectiel gemist of maar half vanuit een ooghoek gezien, maar nauwelijks een minuut later vloog er een oranje lichtbundel recht voor me zo’n vijftig tot honderd meter de lucht in om vervolgens meteen weer te doven. Het was net vuurwerk, maar een soort dat ik nooit eerder had gezien. Het verschilde ook heel sterk van de langzaam omhoog zwevende vuurballen die ik verwacht had te zullen zien.  Die verwachting was gebaseerd op de vele borden met advertenties van het festival die ik langs Highway 212 van Nong Khai naar Bueng Kan had zien staan en op muurschilderingen in Wat Pho Chai, een tempel in Nong Khai. Op die borden en tempelschilderingen zag het fenomeen er meer uit als traag omhoog zwevende enorme gele, oranje of rode zeepbellen!

De meeste mensen in de provincie geloven dat de vuurballen door  enorme naga’s worden geproduceerd, maar vele anderen hangen de theorie aan dat het een natuurlijk verschijnsel betreft dat berust op het vlam vatten van brandbare gassen op de bodem van de rivier — enigszins vergelijkbaar met de lichtverschijnselen die in Europa ontstaan als het methaan dat uit een moeras ontsnap in brand vliegt. Omdat naga’s als intelligente en vrome wezens worden beschouwd, is het niet moeilijk in te zien waarom zij Ok Phansa uitkiezen om hun vuurballen uit te stoten. Op die dag, 2500 jaar geleden, keerde de Boeddha namelijk terug uit de hemel waar hij drie maanden lang gedurende de gehele boeddhistische vastenperiode tot zijn moeder die daar verkeerde had gepredikt. De vuurballen moeten dus worden gezien als een welkom aan de op aarde terugkerende Boeddha. Het is echter moeilijker in te zien waarom de natuurlijke ontbranding van gassen onder water uitsluitend plaatsvindt op de nacht van Ok Phansa.

Gedurende een half uur vloog er om de paar minuten een ‘vuurbal’ de hemel in. Ze leken te ontstaan in de rivier voor me, maar het zou ook kunnen dat ze hun oorsprong hadden op de Laotiaanse oever. Dat was moeilijk te zeggen want de rivier en de oever aan de overkant waren pikdonker en de lichtflitsen waren weer verdwenen zodra je ze had opgemerkt.

Kort nadat er een briesje opstak begon het te regenen en al gauw stortregende het. De mensen openden hun paraplu’s en groepjes mensen gingen schuilen onder hun van riet of bies gevlochten picknickmatten die ze boven hun hoofd tilden. De bui duurde minstens een half uur. Aanvankelijk lieten de naga’s zich niet afschrikken en vuurden nog enkele vuurballen af. Maar terwijl de mensen zich zo goed als mogelijk beschermden tegen de bakken water die uit de lucht vielen terwijl de modder rond hun voeten stroomde, kwam het fenomeen tot een einde. De meeste mensen haastten zich daarop naar hun auto’s en motorfietsen die geparkeerd stonden in de blank staande straten van het stadje.

De rest van de avond  en nacht was Highway 212 langs de Mekong en een aantal zijwegen één grote verkeersopstopping. Alle voertuigen bewogen tergend langzaam in de richting van Nong Khai waar de Friendship’s Highway naar Bangkok begint. Maar de meeste tijd zat er geen enekele beweging in de files. Vier rijen dik stonden de auto’s over de gehele breedte van Highway 212, voor het verkeer in oostelijke richting was geen enkele ruimte meer. Ik had een kamer in een guesthouse in Bueng Kan en moest dus zo goed als dat kon op mijn scooter tegen de stroom in rijden — soms hele stukken door het spekgladde of zompige gras van een smalle berm. Voor mij trotseerde een andere bestuurder van een lichte motorfiets, gehuld in een metaalkleurige poncho, het leger van spookrijders. Bij bruggen hielpen we elkaar onze motor op de smalle stoep te hijsen om ook daar langs de muur van auto’s te komen. Er ontstond een bijzondere band tussen ons temidden van een vijand die bestond uit tienduizenden auto’s met gapende en slapende mensen erin. Terwijl ik Riders in the storm neuriede, sloeg mijn bondgenoot halverwege Ratana Wapi opeens een zijweggetje in en verdween als een spook in het donker.

naga's als tempelwachters en vuurballen in foto in de Thaise krant

(links): Een vergulde zevenkoppige naga bewaakt de ingang van een rijk gedecoreerde tempel in Nan. (rechts): Deze foto van het Bang Fai Phaya Nak-festival aan de Mekong verscheen op 6 oktober 2009 in het Thaise dagblad Daily News, een dag na Ok Phansa.

De windschermen van mijn scooter schampten een keer tegen de openstaande deur van een auto. De gefrustreerde chauffeur reageerde kwaad, maar realiseerde zich meteen daarop wie er nu eigenlijk de verkeersregels had overtreden. Pas voorbij Rattana Wapi, 43 kilometer ten noordoosten van Phon Phisai en een plaats die een nieuw record aan bezoekers had weten trekken, waren de opstoppingen vrijwel opgelost en voorbij Pak Khat kon ik mijn nachtelijke tocht min of meer normaal voortzetten. Die rit zit nu scherper in mijn geheugen gegrifd dan de vuurballen die ik ervoor gezien had.

Ondanks de zware stortregens werd het festival later door de authoriteiten tot een groot succes bestempeld en een bonus voor de plaatselijke economie. In een documentaire op iTV werd echter beweerd dat de naga-vuurballen een fraude waren en werden de bewoners van Nong Khai afgeschilderd als dwazen en bedriegers.  Het rapporteerde dat de vuurballen voortgebracht werden door Laotiaanse soldaten op de andere oever van de rivier door tracer rounds met hun AK47 geweren in de lucht te vuren. De daarop volgende dagen werd deze claim aangevochten door drie politici die Nong Khai vertegenwoordigden in het parlement, waarbij iTV een schadeclaim van een miljard baht in het vooruitzicht gesteld werd wanneer ze hun verdachtmakingen niet konden bewijzen. Ondertussen kwamen honderden demonstranten bijeen voor een ceremonie in Nong Khai: iTV werd vervloekt door er rouwkransen met de naam van het televisiestation erop neer te leggen en er strafvervolgingen tegen te eisen.

Twee maanden later was ik opnieuw in Nong Khai en had ik de gelegenheid Nopporn Soongnart, de manager van het populaire Pantawee Hotel, te ontmoeten. Zijn hotel organiseert jaarlijkse ‘naga-tours’ en op de website ervan vindt men uitgebreide informatie over naga’s en hun vuurballen. Verder wordt aangenomen dat Nopporn in een vorig leven zelf een naga geweest is, ‘het kind van een Phaya Nak dat van huis was weggelopen’, zo legde een monnik hem later uit. Voor Nopporn bestaan naga’s echt en sturen ze werkelijk vuurballen de hemel in. Aanvankelijk was de hotelmanager zelf ook skeptisch, maar dat veranderde toen hij de serpenten zelf in de Mekong had gezien: ‘Ik zag een erg grote slang in de Mekong, bijna tien meter lang. Ik denk: dit is een slang, met een heleboel glanzende kleuren, maar met een kop anders dan bij slangen — als een hanenkam. De mensen probeerden het serpent te verjagen, maar het tilde hun boot op en in doodsangst slaagden ze erin de oever weer  te bereiken.’

drie soorten nagabeelden

(links): Beelden van naga’s bij de geestenhuizen van een geest die tussen Lampang en Phrae aan Highway 11 over het land waakt. (midden): Een groot verguld boeddhabeeld op een heuvel aan de Mae Khok bij Thaton. De boeddha mediteert in lotushouding op het lichaam van een naga die zijn zeven koppen beschermend boven hem heeft verheven. (rechts): Het beeld van een naga in Wat Don Chan, iets buiten Chiang Mai.

Een andere keer bij een ontmoeting met een Phaya Nak, zo vertelde Nopporn me,  reageerde het dier boos, alsof het niet het gepaste respect getoond werd. ‘Dat was in 2000 gedurende een ceremonie aan de rivier. De burgemeester van Nong Khai verzuimde toen zijn gezicht in de richting van de rivier te draaien om toestemming te vragen aan de goden van de aarde. Daarop verhieven twee Phaya Nak hun kop uit het water. Ieder van de duizenden aanwezigen bij de ceremonie heeft het gezien.’

Een uur en nog langer vertelde Nopporn me over mysterieuze gebeurtenissen in de provincie die verband hielden met naga’s. Vaak benadrukte hij dat onvoldoende respect voor de wezens, of ongeloof, beantwoord werd met wraak of straf. Hij veronderstelde zelfs dat het noodweer dat het Bang Fai Phaya Nak twee maanden daarvoor min of meer bedorven had, hun boze reactie was op de fraude en de respectloosheid van het afgelopen jaar in de provoncie. ‘En iTV heeft inmiddels zijn verontschuldigingen aangeboden voor de ongegronde beschuldigingen in hun documentaire,’ betoogde hij verder.

Na het interview belandde ik in een winkel aan de overkant van het hotel. Daar waren vele ansichtkaarten te koop waarop Nong Khai’s naga-mysteries stonden afgebeeld, zoals een foto van een driekoppige naga die gegroeid was uit de uitloper van een kokospalm en een foto van drie vuurballen die opstegen uit een ruïne van een chedi (stoepa) bij een tempel in Phon Phisai. Er waren ook veel ansichtkaarten met de afbeelding van een twintigtal Amerikaanse mariniers die een meer dan zeven meter lange Phaya Nak  in hun handen hielden. Dit plaatje is in feite de enige foto die bekend is van wat verondersteld wordt het mythologische serpent te zijn. Je ziet deze foto vaak op posterformaat ingelijst in woningen, restaurants en andere plaatsen hangen. Op de dag van Ok Phansa werden stapels van deze posters te koop aangeboden op het terrein van de aan de Mekong grenzende tempels in Phon Phisai.

Amerikaanse mariniers en oarfish

(links): Een detail van de beroemde foto van de Amerikaanse mariniers met een ‘Nang Phaya Nak’, in werkelijkheid een reusachtige oarfish (Regalecus glesne), die op grote diepte in de oceaan leeft. (rechts): Een tekening van de oarfish waarop de bijzonder gevormde rug- en borstvin goed zichtbaar zijn.

Ik kende deze verbazingwekkende foto van een Nang Phaya Nak (‘Koningin der Naga’s’) heel goed, want ik had er thuis zelf een aan de muur hangen. Het bijschrift boven de foto was: ‘Koningin der Naga’s op 27 juni 1973 in de Mekong gevangen door het Amerikaanse leger van een militaire basis in Laos, met een lengte van 7,80 meter.’

Het bijschrift op de achterkant van de ansichtkaarten die koop lagen bij het Pantawee Hotel was echter anders: ‘Van de mannen die de vis (sic) optilden, zijn er nog maar acht of negen in leven. Ze hadden drie jaar geleden een reünie in Udon Thani — waar ze ooit hadden gewerkt. Vijf waren gestorven in de oorlog in Laos en vele anderen waren gestorven gedurende de 33 jaar die verstreken zijn sinds de foto was genomen, van wie tenminste drie op een verschrikkelijke wijze. De foto was genomen in 1968.’

Dezelfde foto illustreerde een artikel in een nummer van het respectabele Natural History Bulletin of the Siam Society uit 2002. In dit artikel werd uit de doeken gedaan dat de foto in feite in September 1996 op Coronado Island, Californië, was genomen. Het 7,3 meter lange, zilverachtige schepsel was op het strand van het eiland aangespoeld en biologen stelden vast dat het een oarfish (Regalecus glesne) was, de langste van alle nog bestaande beenvissen op aarde, een vis die in diep water van de Atlantische en Stille Oceaan leeft. De auteur van het artikel, Tyson Roberts, legt uit dat de roze, rode of scharlaken rug- en borstvin op de kuif en sik van de mythologische Phaya Nak lijken.

Van de  ‘Phaya Nak’ op de posters en ansichtskaarten wordt verondersteld dat hij is gevangen (niet aangespoeld), wat beschouwd wordt als een verschrikkelijke misdaad jegens een wezen dat zo vereerd wordt. Het is dus niet verwonderlijk dat velen die de Phaya Nak geschonden hebben een verschrikkelijke dood stierven. Tenminste vijf van hen kwamen al om voordat de foto was genomen! Maar omdat de bewoners rond de Mekong nu eenmaal heilig in naga’s geloven doen al die tegenstrijdigheden en fraudes er niet toe en gaat de naga-verering onverminderd verder …en komen elk jaar honderdduizenden bezoekers naar Nong Khai om op de oever van de Mekong de wonderbaarlijke vuurballen te aanschouwen.

Sjon Hauser©tekst en foto’s

Nong Khai ligt ongeveer 600 km ten noorden van Bangkok en 700 km ten zuidoosten van Chiang Mai. Om het spectakel te kunnen bijwonen moet men zeer tijdig accommodatie boeken in een van de talloze hotels in de stad. In enkele kleinere plaatsen aan de Mekong is eveneens accommodatie te vinden, zoals in Sang Khom, Si Chiang Mai en Bueng Kan. Reken erop dat het op de dag van het festival daar een chaos is. En als in de de loop van de avond de vuurballen zijn gestopt en veel mensen met de auto naar huis terugkeren, zitten de wegen langs de Mekong potdicht met files. Vanuit Bangkok is Nong Khai ook dagelijks per trein te bereiken.

In mijn boek Mekong. Van de Gouden Driehoek naar Vietnam (2008) ga ik in een aantal hoofdstukken uitvoerig in op de naga’s in en langs de Mekong. Het boek is nog te koop — zowel in een paperback- als een pocketuitgave.