Mae Sot, Little Burma in Thailand

Indra's rock

De Phra That Hin Kiu Doi Din Ki.

Er zijn weinig plaatsen in Thailand waar ik liever een paar dagen doorbreng dan in Mae Sot, de wervelende districtsplaats aan de grens met Myanmar in de provincie Tak. Het is niet alleen de perfecte springplank naar een aantal schitterende natuurgebieden en andere attracties, de stad heeft zelf ook veel te bieden en heeft sfeer.

Die sfeer wordt grotendeels bepaald door de vele duizenden migrantarbeiders uit buurland Myanmar. Je zou de stad en wijde omgeving ‘Little Burma’ kunnen noemen, want de Birmese migranten tekenen er het dagelijks leven.

De landbouw en de verwerkingsindustrieën van landbouwproducten in de wijde omgeving drijven helemaal op de goedkope (en vaak illegale) arbeidskrachten uit het arme, dictatoriale buurland.

Naar schatting zijn er minstens 200 000 Birmezen. Overal zie je ze langs de wegen lopen, op weg naar de velden waar ze werken of naar de barakken waar ze wonen: de donkere mannen in hun kenmerkende geruite longyi (Thaise mannen dragen nog maar zelden een geblokte omslagdoek), de vrouwen (ook wel de mannen) met lichtgele vegen over hun gezicht van een van sandelhout gemaakte pasta die die huid heet te beschermen — maar deze make-up wordt ook mooi gevonden. Duizenden Birmezen rijden er op gammele fietsen rond, maar zie je iemand op een scooter rijden, dan is het waarschijnlijk een Thai.

Mae Sot is ook een tamelijk cosmopolitische stad door de vele buitenlanders die er werkzaam zijn. Dat hangt weer samen met de Birmezen. In de omgeving bevinden zich enkele reusachtige vluchtelingenkampen en in Mae Sot hebben zich talloze buitenlandse NGO’s gevestigd die gezondheids- en andere projecten gelanceerd hebben of anderszins steun leveren. In en rond Mae Sot zijn alleen al 70 scholen voor de kinderen van de migrantarbeiders en vluchtelingen.

kaart Mae Sot en omgeving

Mae Sot en wijde omgeving.

Bijna al het personeel in restaurants en hotels bestaat uit Birmezen, de ‘dek pam’ aan de pompen van de tankstations zijn meest Birmees. Mae Sot is een Birmese stad.
Niet iedereen is gelukkig met die situatie. De ‘oorspronkelijke, Thaise’ bewoners (vaak Khon Mueang) wijzen de Birmezen graag aan als een bron van misdaad en overlast. Een ontwikkelde Thai die er geboren en getogen was en veel gereisd had, vergeleek de situatie met die in sommige West-Europese steden met een grote Marokkaanse bevolkingsgroep, ‘maar dan erger!’

In het verleden had Mae Sot ook al een sterk Birmees karakter vanwege de ligging op een van de belangrijkste routes tussen Birma en Thailand. De meeste tempels zijn er qua stijl ‘Birmees’.

Een paar kilometer ten westen van de stad vormt de Moei de grensrivier. De grote brug over de Moei is een belangrijke levensader van het buurland. Aan de Thaise kant is er een enorme grensmarkt waar een veelheid aan Birmese producten te koop ligt.

Een ruime keuze aan aardige accommodatie en veel goede restaurants nodigen ook uit om een of meer dagen in Mae Sot door te brengen.

Oriëntatie

Mae Sot ligt in het westen van Thailand, 400 km ten noordwesten van Bangkok en 350 km ten zuidwesten van Chiang Mai. Het ligt 80 km ten westen van Tak, de provinciehoofdstad.  Een van noord naar zuid lopende bergketen scheidt Mae Sot en omgeving van het oostelijk deel van de provincie Tak: de bergen vormen de grens tussen het stroomgebied van de Salween in het westen en de Chao Phraya in het Oosten.

In deze bergen liggen prachtige natuurgebieden, zoals het Taksin Maharat nationaal park (50 km ten oosten van Mae Sot), het Nam Tok Pha Charoen nationaal park (40 km ten zuiden) en het Khun Phawa nationaal park (50 km ten noordoosten). Om de schitterende natuur bij Umphang (met o.a. de indrukwekkende Thi Lo Su waterval) te bereiken, moet je via Mae Sot reizen. Op sommige kaarten staat weliswaar een weg aangegeven (highway 1117) die Kamphaeng Phet direct met Umphang zou verbinden, maar deze loopt 40 km vóór Umphang dood in de wildernis (zie daarvoor ook het artikel: Khlong Lan).

Bezienswaardigheden in en rond de stad

chedi

De Samphutthe Chedi van Wat Mani Phraison

Somdet To

Het wassenbeeld van Somdet To

mural

Een schildering op de buitenmuur van de chedi.

Wat Mani Phraison

De bijna 230 jaar oude Wat Mani Phraison ligt in het hart van de stad. Deze tempel is gemakkelijk te herkennen aan de aan de straatkant gelegen chedi die getooid is met 233 kleine chedi’s — met elk een nis waarin een boeddhabeeld staat. De basis van dit bijzondere bouwwerk fungeert tevens als wihan (verzamelhal).

De buitenmuren daarvan zijn schitterend beschilderd met boeddhistische taferelen (moderne stijl) en zijn ‘s avonds verlicht.

Binnenin bevinden zich behalve talloze boeddhabeelden ook de wassen beelden van drie van Thailands meest vermaarde monniken, onder wie de eigenzinnige, maar invloedrijke 19e-eeuwse Somdet Tho uit Bangkok en de Noord-Thaise Khruba Si Wichai die in het begin van de 20e eeuw de spil was van het Noord-Thaise chauvinisme — meer over de laatste in het artikel: Heilige van Noord-Thailand (Nederlands) of Khruba Si Wichai (Engels).

De meeste andere bouwwerken, zoals de bot, en het beeld van een dikke Lachende Boeddha zijn weinig bijzonder.

Ook de muurschilderingen in de bot zijn geen meesterwerken, maar wel bijzonder is de afbeelding van de boeddhistische hel boven de ingang. De folteringen in de hel waren vroeger een populair thema, maar zijn dat niet meer in moderne muurschilderingen. (Zie het artikel: Boeddhistische hel.)
Op het tempelterrein staan enkele ‘kanonskogelbomen’ die aan korte twijgen vruchten voortbrengen die op kanonskogels lijken. Maar minstens zo bijzonder zijn de vlezige, roze bloemen van deze bomen.

De Samphutthe Chedi van Wat Mani Phraison

De meer dan dertig meter lange liggende Boeddha van Wat Thai Watthanaram.

Een schildering op de buitenmuur van de chedi

Een rijkelijk gedecoreerd Shan-boeddhabeeld van jade in de wihan.

Wat Thai Watthanaram

Deze grote tempel ligt een paar kilometer ten westen van de stad aan de weg naar de grens. Hij is gedeeltelijk in de Shan-stijl en dateert van het midden van de 19e eeuw. De Shan (door de Thais Tai Yai genoemd) zijn een volk dat overwegend in Myanmar woont. Hun taal lijkt sterk op het Thais. Veel Shans hielden zich in het verleden met de (karavaan)handel bezig. Deze tempel werd gefinancierd door een rijke Shan-koopman. De grote vergulde pagode staat bekend als de ‘Konawin’-pagode en is in Mon-stijl. De grote wihan bestaat uit twee verdiepingen en het binnenwerk is rijk  gedecoreerd. Erachter bevindt zich een 30 meter lange liggende Boeddha, wit gepleisterd en met rode lippen, kenmerkend voor Birmese boeddhabeelden.

 

Spelende kinderen op de enorme Liggende Boeddha

Spelende kinderen op de enorme Liggende Boeddha van Wat Thai Watthanaram

In de namiddag wordt er op een veldje op het tempelterrein door locale jongemannen sepak takro gespeeld, een spectaculaire Zuidoost-Aziatische volkssport, erg populair in zowel Myanmar als Thailand.

Het spel lijkt op volleybal, maar het wordt met de voeten gespeeld en de bal is gevlochten van strengen plastic (vroeger was dat rotan).

De tempel is een belangrijk sociaal en cultureel centrum voor de Birmese migrantarbeiders.

Op boeddhistische feestdagen is het er altijd druk en zijn er zelfs talloze marktstalletjes op het terrein.
Begin april is deze tempel het centrum van een zeer kleurrijk, boeddhistisch festival waarbij prachtig opgemaakte en als prins uitgedoste jongetjes door de ouderen worden rondgedragen en verwend.

Rim Moei markt

Anderhalve kilometer ten westen van deze tempel gaat de weg (de Asian Highway) de tamelijk recente Thai-Myanmar Friendship Bridge over de Moei naar de stad Myawaddy in Myanmar. Bij de brug is de grensovergang met douanekantoren. Gedeeltelijk onder de brug en nog vóór de Moei ligt de grote Rim Moei markt.

 

Mae Moei boulevard

Mae Moei Boulevard.

Mae Moei 1989

Mae Moei 1989

Krabben uit de Moei.

Krabben uit de Moei.

Een groot deel van de handelswaar is afkomstig uit Myanmar, zoals Birmese poppen, houtsnijwerk, boeddhabeelden, edelstenen en meubels.

Veel van de goedkope electronica en electrische apparaten is afkomstig uit China. Op de ‘promenade’ aan de rand van de met riet en struiken grotendeels dicht gegroeide Moei-oever zeulen venters rond met goedkope sigaretten en viagra.  Daar zijn ook vele kramen waar in de Moei gevangen vis en kreeft wordt verhandeld.

Mae Moei City is een complex van winkels en meubelmakerijen aan een soort dode arm van de Moei, iets terug richting stad. Vergeleken bij het sfeervolle Mae Sot is de grensmarkt toch wel een tegenvaller. Helaas is er nergens een mooi gelegen restaurant met een terras met uitzicht over de rivier. Het meest in de buurt daarvan komt een door bomen beschaduwd kuai tieo (rijstnoedels)-restaurant bij de brug over de dode tak van de Moei.
Aan de brug is een klein geestehuis ter ere van de in Tak veel vereerde landgeest Chao Pho Phawo.

In 1989 stroomde de Moei  hier nog in al zijn glorie voorbij. En de handel gebeurde door een leger van sjouwers die met goederen variërend van kinderfietsjes tot koelkasten op hun rug en gehuld in hun longyi door de rivier waadden. In die tijd bestookten de Thais en Birmezen elkaar nog regelmatig met granatenvanaf hun oever.

Momenteel zijn de verhoudingen tussen Thailand en Myanmar sterk verbeterd, hoewel er nog wel eens een klein grensincident plaatsvindt. De grens wordt hier nu gedomineerd door de kolossale brug en de meeste handelswaar wordt vanuit Centraal-Thailand met containertrucks aangevoerd.

Het Naresuan-heiligdom in Mae Sot met als inzet het beeld van de koning dat erbinnen op een altaar staat

Het Naresuan-heiligdom in Mae Sot. Inzet: het altaar met een beeld van de koning.

khrut en naga

Aan een driesprong in het centrum: een garuda onderwerpt een naga.

Naresuan-heiligdom

Ook aan de Asian Highway, maar tegen de stad aan, staat de tamelijk nieuwe San Chao Somdet Phra Naresuan Maharat, een heiligdom ter ere van de legendarische koning Naresuan de Grote (r. 1590-1605), een van de meest vereerde koningen uit het verleden. Hij was een befaamd krijgsheer en slaagde erin Siam (Thailand) van het toenmalige Birmese juk te bevrijden.

Zijn heldendaden tegen de Birmese bezetter  worden de Thaise scholieren met de paplepel ingegoten. Niet alles wat er over de koning wordt beweerd, kan echter als historische waarheid doorgaan. (Zie de artikelen: Helden en Heldinnen en Naresuan the Great.) Op talloze plaatsen staan heiligdommen ter ere van Naresuan — zoals in zijn geboorteplaats Phitsanulok, en in de provincie Suphanburi waar Naresuan de Birmese kroonprins in een duel op de olifant versloeg. Het is natuurlijk geen toeval dat dit recente heiligdom van de man die de Birmezen op de knieën kreeg, precies aan de grens met Myanmar werd gebouwd.

Het monument ligt in het kleine Science and Environmental Knowledge Park tegenover het Samnak Ngan Thesaban (het grote arbeidskantoor van de gemeente) bij de afslag naar Mae Ramat. Op feestdagen slenteren er honderden Birmezen door het park.

Bezienswaardigheden buiten Mae Sot

Phra That Hin Kiu Doi Din Ki

Een kleine vergulde chedi op een rots die balanceert op een andere rots: Wat Phra That Hin Kiu Doi Din Ki

Wat Phra That Hin Kiu Doi Din Ki

Zo’n 8 km ten noorden van Mae Sot staat Wat Phra That Hin Kiu Doi Din Ki. De vergulde Phra That van deze tempel is maar anderhalve meter hoog, maar de ligging is uniek: op een enorme kei die balanceert op een andere kei, nabij de top van een kleine heuvel.

Ook deze chedi is in Mon-stijl; hij wordt in hoge mate vereerd door zowel Shans, Mons en andere Birmezen. Een van de meest vereerde boeddhistische heiligdommen in Birma lijkt er sterk op en is ook op een geërodeerde rots gebouwd (hin kiu = geërodeerde rots).

De in goudkleur geverfde bovenste rots is getooid met een oranje doek en aan de voet van de kleine Phra That staan kleurige beelden van singha (mythologische leeuwen) en thewada (halfgoden).

Om de Phra That te bereiken moet je vanaf de tempel aan de voet van de heuvel een trap van meer dan vierhonderd treden beklimmen. De trap voert door dicht bos met bamboe en teak en je passeert ook een kleine grot met daarin een wit, Birmees boeddhabeeld.

De weg naar het heiligdom begint buiten Mae Sot bij Wat Thai Watthanaram aan de Asian Highway (Highway 12/Asian Highway 1). Anderhalve kilometer noordelijker is er een splitsing met een controlepost. De rechter tak leidt naar de vergulde rots.

Wat Don Kaeo

Boeddha Mae Ramat

De districtsplaats Mae Ramat ligt ruim 30 km ten noorden van Mae Sot

Wat Don Kaeo is de interessantste tempel in de plaats.

Deze tempel huist een prachtig boeddhabeeld in Birmese stijl dat geheel van marmer is gemaakt.

Zulke marmeren beelden zijn uiterst zeldzaam.

San Chao Pho Phawo

Een ander heiligdom bevindt zich ongeveer 20 km ten oosten van Mae Sot aan Highway 12 (voorheen Highway 105) naar Tak. Hier wordt de geest van een krijger uit het verre verleden vereerd. Deze Vader Phawo (pho=vader) geldt als de beschermheilige van een gebied dat zich vanaf Umphang over Mae Sot tot bijna Tak uitstrekt. In Umphang staat ook een heiligdom ter ere van hem. Beschermgeesten betreffen vaak historische of puur legendarische figuren die voor de streek van belang zijn geweest.

Phawo shrine

Het beroemde Chao Pho Phawo-heiligdom aan de voet van een kalksteenberg, ongeveer 20 km buiten Mae Sot aan de weg naar Tak.

Buddha at Phawo shrine

De Boeddha onder de Naga bij het Chao Pho Phawo-heiligdom.

Het heiligdom met het standbeeld van Vader Phawo  staat aan de voet van een prachtige kalksteenberg. Er wordt flink geofferd bij het beeld en erachter kan zelfs vuurwerk ter ere van hem worden afgestoken. De meeste passerende auto’s claxonneren als eerbetoon aan de geest. Dit soort geestenverering  staat van oorsprong los van het boeddhisme, maar heeft zich er sterk mee vermengd. Naast het heiligdom is een groot boeddhabeeld gebouwd: een zittende Boeddha die beschermd wordt door een zevenkoppige naga).

Onder het beeld is een ruimte waarvan de plafonds zijn beschilderd met taferelen van veldslagen tussen Birmezen en Thais en van de Boeddha die de verlichting bereikt. Dat laatste is ook een soort veldslag: het demonenleger van Mara (het Kwaad) dat de Boeddha wil uitschakelen gaat ten onder in een vloedgolf die zijn oorsprong heeft bij alle goede daden die de Boeddha in zijn levens heeft verricht. (Zie het artikel: Boeddha’s verlichting). Hier vermengt zich locale geschiedenis (al of niet gefantaseerd) dus met boeddhisme. Vader Phawo heeft veel gemeen met een geest die in de provincie Lampang aan de voet van een kalksteenberg wordt vereerd: Chao Pho Pratu Pha oftewel Vader van de Poort in de rotsen. Deze ‘vader’ is eveneens de geest van een heldhaftige (Noord-Thaise) krijger — ene Phaya Mua Lek die omkwam in gevecht met een Birmese overmacht. (Zie het artikel: Logboek Pratu Pha.)

Musoe markt

De Musoe markt is een kleurrijke markt aan Highway 12 van Mae Sot naar Tak, gelegen op een van de hoogste punten, circa 45 km ten oosten van Mae Sot. Bergstammen uit de omgeving (overwegend Lahu, die door de Thai ‘Musoe’ worden genoemd) verkopen er hun groente, fruit, kruiden en sierplanten uit het bos.

Landbouw en Natuurgebieden

tractor

Birmese migrantarbeiders per tractor op weg naar de velden.

suikerriet kappen

Suikerriet kappen.

De wijde omgeving van Mae Sot is in cultuur gebracht. Er wordt intensief aan landbouw gedaan met een leger van Birmese migranten als goedkope arbeidskrachten. Er wordt wel rijst verbouwd, maar cash crops domineren de landbouw van Mae Ramat in het noorden tot KM46 van Highway 1090 in het zuiden. Je ziet er uitgestrekte maïs- en suikerrietvelden, bloemkwekerijen en velden met aardappels. Daarnaast zijn er uitgestrekte tuinderijen waar komkommers, bonen, chili’s en zonnebloemen (de laatste voor de olierijke pitten) worden gekweekt.

Mae Sot is omringd door een aantal prachtige natuurgebieden die grotendeels in de bergen liggen.

Het Khun Phawo nationaal park (genoemd naar de eerder genoemde beschermgeest) ligt ten noordoosten van de stad. De hoofdingang ligt ongeveer 20 km ten oosten van Mae Ramat aan Highway 1175. De fraaie Khun Phawo waterval ligt vlak bij het hoofdkwartier. Helemaal aan de westrand van het park, bij het dorp Ban Mae Kasa, ongeveer 20 km ten noordoosten van Mae Sot, zijn de Mae Kasa warmwaterbron en de Mae Kasa waterval een bezoek waard.

krabak yak

De enorme stam van de krabak yak in het Taksin Maharat nationaal park.

De hoofdingang van het Taksin Maharat nationaal park ligt 50 km ten oosten van Mae Sot, 2 km vanaf Highway 12. Het hoofdkwartier ligt op een hoogte van ruim 800 meter en het omringende bos is overwegend evergreen met naaldbos en stukken grasland (savanne). Vanaf het hoofdkwartier voert een weg verder het park in naar de topattractie: een gigantische krabak-boom, bekend als krabak to (กระบากโต) of krabak yak (กระบากยักษ์).

Na een bruggetje gepasseerd te zijn kom je bij een plek met een goed uitzicht op de omringende berghellingen — een geschikte plek om met een kijker vogels te bespieden. De weg eindigt nog geen kilometer verder bij een kleine parkeerplaats. Hier gaat een trap omlaag het bos in.

De afdaling van 400 meter brengt je bij een beekje waaraan de enorme krabak-boom (Anisoptera costata) stevig in de grond geworteld staat. De 700-jaar oude gigant is Thailands grootste boom en het pronkstuk van het park.

De kolos is 50 meter hoog en aan de voet heeft de stam een omtrek van ruim 16 meter. Met zijn knoestige, verweerde steunbeerwortels lijkt de stam op een poot van een gigantische dinosaurus.

Elders in Noord-Thailand is de krabak overigens een tamelijk zeldzame verschijning, in tegenstelling tot talloze andere soorten uit de belangrijke bomenfamilie der dipterocarpen (zie artikelen: Dipterocarps of Dipterocarpen).

Vanaf deze plek gaat er een pad door het mooie bos; het volgt de beek min of meer en na ongeveer een kilometer ben je weer bij een verhard pad vanwaar je naar de parkeerplaats kunt lopen. In het regenseizoen kunnen er op en langs het bospad nogal wat bloedzuigers zijn. Er zijn nog diverse andere attracties in het park, maar ze liggen niet erg toegankelijk. Maar voor een bezoek aan de boom, een wandeling over het natuurpad en een uurtje vogels bespieden ben je al gauw een halve dag kwijt.

Nam Tok Pha Charoen nationaal park

Het hoofdkwartier van het Nam Tok Pha Charoen nationaal park ligt 40 km ten zuiden van Mae Sot, een kilometer van de hoofdweg, Highway 1090. Dit uitgestrekte park is genoemd naar de fraaie Pha Charoen-waterval (nam tok=waterval) die zich direct bij het hoofdkwartier etage na etage (naar zeggen: 97 stuks) van een helling van kalksteenrotsen omlaag stort. Je kunt over een pad langs de waterval omhoogklimmen en belandt dan in dicht bos met enorme bamboes. Een andere, minder bekende en meer afgelegen waterval, ligt ongeveer 10 km zuidoostelijker binnen de grenzen van het nationaal park: de Pa Wai-waterval genoemd naar de rotanpalm (wai).

Pa Wai waterval.

De schilderachtige Pa Wai waterval.

Om deze te bereiken moet je 4 km voorbij de afslag naar de Pha Charoen-waterval, ongeveer bij KM 41 van Highway 1090, linksaf. Je volgt dan Rural Highway 4017 die door volledig ontboste heuvels beplant met maïs en chili’s slingert Bij een splitsing ga je linksaf naar het schilderachtige Hmong-dorp Pa Wai dat aan de voet van de beboste berghellingen ligt.

De verharde weg eindigt bij de waterval die zich door donker bos stort — het water stroomt er als het ware tussen de bomen door. Een tak van de beek stort omlaag in een gat in de bodem en voegt zich 50 m lager weer bij de hoofdstroom. In de kalksteenformatie zit ook een grot verborgen, maar deze is niet toegankelijk — behalve voor de duizenden vleermuizen die tegen de avond uitvliegen.

Deze twee watervallen komen ook aan de orde in het artikel: Death Highway to Umphang over de attracties rond Highway 1090 van Mae Sot naar Umphang.

Accommodatie:
Mijn favoriete hotel in het centrum van Mae Sot is het Duang Kamol (D.K.). Het is sober maar alles werkt er en bij de receptie word je vriendelijk geholpen. In de lobby hangt een ongelooflijke verzameling huisvlijt aan de muur die getuigt van de adoratie van de koninklijke familie en het koningshuis: tientallen ingelijste collages van uitgeknipte foto’s van leden de koninklijke familie.

Duang Kamol (D.K.) 298/2 Intharakhiri Road.

tel.: 055 531699, 542649 531378

Kamers met fan kosten B 250, met air-conditioning (zeer ruim) B 450. Aan de parkeerruimte ligt een restaurantje (Ka Mu Duang Kamol) dat vanaf 6.00 uur ‘s ochtends uitstekende chok mu (rijstpap met varkensvlees) en koffie met patong ko, gefrituurde X-vormige deegkoekjes, serveert. Bij het hotel kun je ook een fiets huren.

Er zijn daarnaast talloze andere hotels in de stad zoals  het Phon Thep nabij de markt met airco-kamers voor B 280. Het nette, comfortabele Mae Sot Centara ligt aan de noordkant van de stad aan Highway 12. Ook zijn er een aantal guesthouses, zoals het Fern Guesthouse aan Intharakhiri Road, vrijwel in het centrum. Iets verder in de richting van de grens met Myanmar ligt het Ban Pruk Sa Guesthouse aan een rustige zijsteeg (740 Intharakhiri Road). Daar kun je ook scooters huren. Ernaast ligt het Ban Thai met een wat grotere keuze aan accommodatie (250-350 baht) waaronder aardige houten bungalows — een deel grenst aan de rijstvelden.

Ongeveer 300-400 m ten oosten van het Duang Kamol ligt aan dezelfde straat, voorbij het Monument van de Garuda in strijd met een Naga,  het nieuwe Che Thu Hotel en het sobere Mae Sot Guesthouse.

Mae Sot is een boeiende stad, maar wil je liever buiten de stad overnachten, dan kan dat ook. Het lelijke, moderne Mae Sot Highland met reclameborden in schreeuwende kleuren, aan de Highway 12, is dan een slechte keuze. Het ligt vlak bij de rotonde ten oosten van de stad waar Highway 1090 naar Umphang ontspringt aan Highway 12. Maar een kilometer verder in de richting van Tak ligt het Ing Doi Resort (huisjes met groene daken) en weer een kilometer verder is aan je rechterhand de afslag naar het aardig gelegen Rim Doi Resort. Volg je de zijweg voorbij het Rim Doi Resort, dan kom je nog het Li Lao House en andere rustig gelegen accommodatie tegen.

Eten

eenvoudige restaurantjes

Eenvoudige restaurantjes aan de Prasat Withi Road.

In de hoofdstraten van de stad zijn vele restaurants; een aantal in de buurt van het Fern Guesthouse aan Intharakhiri Road trekt nogal wat buitenlandse bezoekers.

Mijn favoriete plek is de avond-eetmarkt, iets verscholen aan een steeg van de Prasat Withi Road Road, ongeveer 200 meter ten westen van de grote Sapphawitthayakhom School (met sportveld).
Eenvoudige maar sfeervolle restaurantjes liggen er aan een steeg die uitloopt op een kleine parkeerplaats voor scooters; de restaurantjes die aan dat pleintje liggen zijn zeer populair en je zit er lekker: een geweldige plaats om al fresco te dineren, heerlijk eten voor weinig geld. En het is er altijd druk en gezellig. Het achterste restaurant (Kuk Phan annex amulettenhandel) is ook populair bij in de stad woonachtige westerlingen, al of niet verbonden aan NGO’s.

Een aardige pub met live muziek is de Cowboy Indian aan Highway 12 bij de afslag (Highway 105) naar Mae Ramat.

Andere praktische zaken

Tanken

Aan Highway 12 tussen de afslag naar Mae Ramat en de rotonde met de afslag naar Umphang (Highway 1090) liggen verschillende (grote) benzinepompen (Shell, PTT, Esso).

Waarschuwing: Highway 12 tussen Mae Sot en Tak is een van de gevaarlijkste wegen van Thailand.

Hij is voor een groot deel vierbaans, vernauwt zich soms opeens tot driebaans of tweebaans. Sommige stukken zijn steiler dan ze lijken, heel wat bochten scherper dan je denkt. Veel verkeer rijdt er harder dan goed is. Auto’s vliegen er veelvuldig van de weg af. Het sterk toegenomen vrachtverkeer, waaronder in slakkentempo de hellingen op kruipende vrachtwagens en trucks, zorgt ervoor dat sneller verkeer geïrriteerd aan inhaalmanoeuvres begint waar het niet kan en niet mag.

De bestuurders van (zwaar beladen) vrachtwagens merken vaak dat ze bij afdalingen de vaart van hun wagen niet meer onder controle hebben en raken de macht over het stuur kwijt. Op twee plaatsen zijn zelfs schansen gebouwd waar zulke wagens in noodgevallen van de weg af kunnen om in het mulle zand van een steile helling tot stilstand te komen.

In het hoog gelegen middenstuk van het traject regent het zeer veel en is de weg bijna voortdurend nat en spekglad.

Wees op deze weg dus altijd op je hoede… en vergeet niet te claxonneren als je het heiligdom van Pho Phawa passeert.

ongeluk

Een dagelijks tafereel aan de weg van Tak naar Mae Sot.

De mooiste route om vanuit Chiang Mai naar Mae Sot te rijden is via Mae Sariang. Tussen Mae Ngao en Mae Salit, een traject van 75 km door afgelegen heuvellandschap, wordt de weg Mae Sariang – Mae Sot (‘Highway’ 105) over een gedeelte van bij elkaar minstens 10 km verbreed. Door die werkzaamheden (september 2011 nog volop aan de gang) kan het er op een scooter of motorfiets zeer lastig rijden zijn, vooral als het geregend heeft.

Vliegen naar Mae Sot
De luchthaven ligt ongeveer anderhalve km buiten de stad, bij de Si Yaek Sanam Bin, in de richting van de grens. Nok Air heeft vluchten vanaf Bangkok (het oude vliegveld in Don Mueang) naar Mae Sot.

©SJON HAUSER: tekst, foto’s en kaartwerk