Mae Nak

Mae Nak-01Figuur 1: Poppen van Mae Nak en haar kind op het terrein van de Mahabut-tempel.

MaeNak แม่นาคMaeNak แม่นาค
Noem haar naam en elke Thai huivert

© Sjon Hauser: tekst en de meeste foto’s
Dit verhaal verscheen eerder in de Volkskrant van 13 September, 2003.

‘Maak geen geesten wakker in het kanaal,’ luidt een leerspreuk van de legendarische Thaise koning Ruang. Geesten en spoken voelen zich in Bangkok thuis aan het water ─ in elk geval wemelt het ervan. Ik kan het me wel voorstellen dat ze zich er verborgen houden achter een knoestige ficus die een ragebol van luchtwortels boven het water laat bengelen.
Tot ver in de twintigste eeuw was Bangkok het Venetië van het Oosten en speelde het leven zich af rond de rivier en de kanalen. Daar dolen de geesten van legendarische personen. Zoals de geest van een koningin die verdronk. En van een bootsman die op eigen verzoek werd geëxecuteerd, nadat door zijn fout de boot van de koning een boom ramde.
En dan is er de geest van Mae Thap Thim. Haar huisje staat bij een oude boom in een parkje aan een stinkend kanaal, schemerig verscholen achter de parkeergarage van het Nai Lert Hotel. Ook de oorsprong van het heiligdom is in duister gehuld. Maar het is zeker dat er een vrouwelijke geest wordt vereerd. Daarvan getuigen honderden fallussen in alle soorten en maten die er zijn geofferd: realistische houten exemplaren met een rode of zilveren eikel en magische tekens, twee meter hoge kanjers van piepschuim omwikkeld met bonte sjerpen, betonnen sculpturen die lijken op een varken en een marmeren roede die gericht staat als een kanon.

Traditioneel offert men fallussen aan vrouwelijke geesten, als de preutse overheid niet tegenwerkt. Moderne stedelingen weten dat vaak niet en koesteren het plekje als een vruchtbaarheidsheiligdom. Het heiligdom van Mae Nak, enkele kilometers oostelijker aan het Phra Khanong-kanaal, heeft niets met vruchtbaarheid uit te staan. Integendeel, zwangere vrouwen mijden de plek juist.

Geen geest is beroemder dan Mae Nak, geen geest wordt meer gevreesd. Noem haar naam en een Thai huivert. Bijna twintig keer is haar trieste verhaal verfilmd, steeds weer een kassucces. Of Mae Nak midden-19e eeuw leefde, of minstens vijftig jaar eeder, is niet zeker. Hoe het ook zij, de jonge vrouw werd verliefd op de knappe Mak. Ze trouwden, maar hun geluk duurde kort.

Mae Nak-02Figuur 2: Uitzicht vanaf het terrein van Wat Mahabut op het Phra Khanong-kanaal.

Mak werd opgeroepen voor militaire dienst en moest zijn zwangere vrouw verlaten. Terwijl hij onder de wapenen was, stierf Mae Nak met haar kind tijdens de bevalling. Ze werden meteen begraven, maar de geest van Mae Nak kon zoveel leed niet accepteren. Ze nam haar menselijke gedaante weer aan. Mak keerde naar huis terug en even was er een gelukkige hereniging, tot Mak ontdekte dat zijn vrouw een spook was en hij in paniek vluchtte. Het spook achtervolgde hem en vernietigde op haar weg alles wat haar hereniging met Mak in de weg stond. Uiteindelijk werd het spook door een noviet gevangen en in een pot gestopt.

Mae Nak-03Figuur 3: 1. Mae Nak met kind. 2. Vereerde boom bij Wat Mahabut.

Het geestenhuis staat aan de achterkant van de Mahabut tempel, nog geen veertig meter van het kanaal. Aan de overkant dromen vervallen huizen naast een rijstmolen. Behalve wat peddelbootjes is er nauwelijks verkeer. Mae Nak kijkt me droefgeestig aan, of juister, ze heeft haar ogen wat neergeslagen, gericht op de baby die in haar schoot ligt. Ze draagt een pruik van lang, zwart haar. Haar gelaat is met goudpapier beplakt, om haar ogen zijn zwarte randen van verdriet. Het beeld is naar zeggen vervaardigd uit aarde afkomstig van zeven verschillende kerkhoven.
Achter haar staan kasten vol geofferde brokaten japonnen, rekken met babykleertjes, pruiken, kitschsieraden, lippenstiften en andere make-up. Men weet wel wat een jonge vrouw begeert. De bezoekers begeven zich na het offeren van kaarsjes of bloemen naar een van de bomen rond het heiligdom. Toegewijd wrijven ze over de stam, net zo lang tot de geest die erin huist onder hun vingers het getal zichtbaar maakt dat bij de eerstvolgende trekking van de staatsloterij in de prijzen zal vallen. Op het tempelterrein staan stalletjes waar behalve babykleertjes, wierook en kaarsjes ook loten worden verkocht.

Over de wateren van Bangkok waart ook de geest van J. Homan van der Heide. In 1902 was hij door de Siamese koning in dienst genomen; een andere Nederlander had voor de functie bedankt omdat geen reiskostenvergoeding werd toegezegd. Energiek boog de ingenieur zich over de waterhuishouding van de Chao Phraya-delta. Zijn alomvattend irrigatieplan werd weliswaar niet uitgevoerd, maar zeven jaar werkte hij aan het verbeteren van de kanalen.

Mae Nak-04Figuur 4: De inwijding van de sluis bij Pathum Wan. V.l.n.r: Koning Chulalongkorn, Homan van der Heide, Chao Phraya Thewet en ingenieur De Vries. Ca. 1907. Foto uit: Han ten Brummelhuis, 1987. Merchant, courtier and diplomat. A history of the contacts between the Netherlands and Thailand. De Tijdstroom, Lochem─met dank.

Niet ver van het Mae Thap Thim heiligdom werd bij het gereedkomen van sluizen een foto gemaakt. We zien de Nederlander achter koning Chulalongkorn staan: met zijn reflecterende bril en enorme walrussnor onder een tropenhelm ziet hij eruit als een spook.
In die dagen reden slechts enkele auto’s in Bangkok, nu zijn dat er twee miljoen. Veel kanalen werden gedempt en zijn nu straten. In de jaren zestig hield de drinkwatervoorziening uit de rivier de woekergroei van de nieuwe stadswijken niet bij en begon men diepe waterputten te slaan. Inklinken van de bodem was het gevolg. Grote delen van Bangkok verzakten, de stad werd een reusachtig soepbord. Door bureaucratie en gebrek aan politieke durf blijft het bij halve maatregelen en moeten miljoenen bewoners jaarlijks wekenlang door kniehoog water waden.

Homan van der Heide was geen man van halve maatregelen en moeizame compromissen. De samenwerking met zijn superieur werd zodoende een fiasco. Gedesillusioneerd verliet hij Thailand. ‘Een lastig ambtenaar is een van de ergste dingen die de democratie kent,’ schreef hij 35 jaar later.

Een bizar knooppunt vinden we ten westen van Mae Naks geestenhuis: een verkeersader loopt met een brug over het Phra Khanong-kanaal. Boven de weg zoeft de metro over een spoor op hoge betonnen poten. En nog hoger, dwars over dit alles, kruist een enorme tolweg, acht- of tienbaans. Het kanaal verbindt het soepbord met de rivier, waar Homan van der Heides sluizen nu worden vergezeld van krachtige pompen. Aan de kade, in het duister van de viaducten, resoneert de verkeersherrie alsof ik in een spookhuis ben. Even meen ik ook het bulderende hoongelach van een gefrustreerd ontwikkelingswerker avant la lettre te horen.

Bronnen:

Han ten Brummelhuis, 1995. De Waterkoning. J. Homan van der heide, staatsvorming en de oorsprong van de moderne irrigatie in Siam, 1902-1909. Uitgave in eigen beheer van de auteur, Amsterdam.

Ka F. Wong, Nang Naak: the cult and myth of a popular ghost in Thailand. In: Siraporn Nathalang, ed., Thai Folklore Insights into Thai Culture, p. 121-142

Voor Mae Nak zie ook: De fallus in Thais ritueel  .

Een ander verhaal over Mae Nak kan hier als PDF-file (478 KB) worden gedownload Mae Nak, onze Wereld