Luang Pu Thuat

LUANG PU THUAT

fig01-Thuat
Figuur 1. Het met bladgoud bedekte beeld van Luang Pu Thuat in de Ho Kao Kechi (Shrine of the Nine Revered Images) in Ranong, Zuid-Thailand. Van de negen beelden van Zuid-Thaise heiligen neemt dat van Thuat de centrale positie in.

LUANG PU THUAT, THAILANDS OUDSTE SUPERMONNIK
‘Hij toverde zeewater om in zoet water’

De opmars van de supermonniken
Een opmerkelijke kant van het ‘alledaagse boeddhisme’ in het huidige Thailand is de grootschalige en wijdverbreide verering van talloze ‘heilige’ monniken. De naam van deze mannen wordt doorgaans voorafgegaan door de eretitel Luang Pho (Vereerde Vader), Luang Pu of Luang Ta (Vereerde Grootvader), Achan of Khruba (Leraar) en de bekendsten onder hen worden gezien als een soort supermonniken. Velen zijn al lang geleden gestorven, anderen leven nog, maar zijn vaak al behoorlijk bejaard. Het zijn doorgaans charismatische figuren die uitblonken door hun strenge discipline en hun stricte toewijding tot de leer van Boeddha. Velen hadden jarenlang gezworven en gemediteerd en zoveel afstand van de wereld genomen dat wordt aangenomen dat ze een arahant zijn, iemand die het einde van zijn (vele) levenscycli heeft bereikt en na zijn dood niet meer herboren zal worden, oftewel het Nirvana zal bereiken—het boeddhistische ideaal.
Die laatste stappen op weg naar het Nirvana, waarbij de geest van de monnik volledig puur wordt en zich losmaakt van alle wereldse dingen, gaat (vaak) gepaard met het ontstaan van bovennatuurlijke krachten. En het is vooral vanwege hun magie dat deze charismatische monniken zo’n grote belangstelling genieten. De mensen stromen naar de tempels waar deze monniken vertoeven (of waar ze ma hun dood worden vereerd) om zich door hen te laten zegenen in ruil voor een forse donatie of de aankoop van amuletten die door de monnik zijn gezegend. Zulke met magie geladen amuletten bieden bescherming tegen een verscheidenheid aan onheil en het dragen ervan brengt geluk en voorspoed met zich mee.
Vaak ook wordt zo’n monnik bezocht om hem op de een of andere manier het winnende nummer voor de aanstaande loterij te ontfutselen—de heilige, oude mannen hebben de neiging deze nummers in cryptische bewoordingen of op een andere verhullende manier vrij te geven.
Voor de bezoekers staat het streven naar succes en rijkdom bij de transacties doorgaans centraal, en de tempels gedijen er wel bij. Veel heiligen in het oranje gewaad worden grootschalig door de moderne media gepromoot. Hun tempels zijn te vergelijken met ‘miljoenenbedrijven’, want met de verkoop van door de supermonniken gezegende amuletten worden superwinsten gemaakt. (1) De marketing van de magische krachten van deze monniken gaat na hun dood gewoon verder. Dat wordt ook duidelijk geïllustreerd door de groeiende populariteit van Luang Pu Thuat, een monnik die in de 17e eeuw is overleden en geldt als een van de eerste heilige monniken—over hem en de cult die om hem geweven is volgt hieronder meer.

De verering van bijzondere monniken is in Thailand een oud verschijnsel, maar brak pas echt door in de jaren zestig en zeventig van de twintigste eeuw. Die doorbraak wordt vaak in verband gebracht met de politieke situatie in die jaren. Thailand was als bondgenoot van Amerika sterk verbonden met de oorlog in Indochina. Duizenden Thaise soldaten vochten er mee aan de kant van de Verenigde Staten, terwijl om de paar minuten een Amerikaanse bommenwerper opsteeg vanaf bases in Thailand om zijn lading bommen boven Vietnam, Laos of Cambodja los te laten. In diezelfde tijd vormden de guerilla’s van de Communistische Partij van Thailand een formidabele bedreiging in Thailand zelf en kregen de communisten een steeds groter deel van het land onder hun controle. Door deze ontwikkelingen groeide in Thailand de vraag naar amuletten die bescherming bieden tegen de risico’s van oorlog, met name tegen kogels en granaten. Een aantal Thaise monniken voorzag in die behoefte en zegende amuletten die daarmee met hun magische kracht (saksit) werden geïmpregneerd. (2)

3xthuatFiguur 2: 1-2. Een kolossaal, nieuw beeld van Luang Pu Thuat in het district Maharat, provincie Ang Thong. 3. Een groot beeld van een mediterende Luang Pu Thuat aan de weg tussen Hat Yai en Song Khla in de Zuid-Thaise provincie Song Khla.

Toen de vrede was weergekeerd, werd in Noord-Thailand onder andere de stokoude Luang Pu Waen gepromoot als supermonnik—waarbij de Royal Thai Air Force een sleutelrol speelde. Zijn tempel in het district Phrao van Chiang Mai was jarenlang een van de drukst bezochte religieuze plaatsen van de regio. Zelfs de leden van de koninklijke familie kwamen op bezoek bij Waen, maar in de jaren na Waens dood (in 1985) nam de verering van de monnik geleidelijk af (meer over Luang Pu Waen: klik hier.
Ondertussen waren er nieuwe rising stars onder de supermonniken gekomen, van wie Luang Pho Khun uit Khorat jarenlang de beroemdste was—een soort ‘Johan Cruijff van het oranjeteam’. Het accent van bescherming tegen kogels was inmiddels verschoven naar bescherming tegen auto-ongelukken en het verwezenlijken van rijkdom en succes. De populariteit van de monniken was sterk afhankelijk van het succes van hun magie en die hing weer voor een groot deel af van het succes waarmee hun wonderen in de media werden gepromoot. Maar zoals ook bij andere superstars (zelfs bij ‘Jezus Christ Superstar’) het geval is, is de populariteit van zo’n monnik vaak sterk onderhevig aan de onvoorspelbare, grillige en modieuze tendenzen van het publiek, vergelijkbaar met de populariteit van popsterren.

fig03-Thuat
Figuur 3: 1. Luang Pu Waen. 2. Khruba Si Wichai’s nieuwe mega-beeld, Wat Saeng Kaeo, Mae Suai, Chiang Rai. 3. Luang Pho Khun.

Een van de eerste heilige monniken was Luang Pu Thuat (1582-1682) die in de tijd leefde dat Ayutthaya nog de hoofdstad van Thailand (“Siam”) was. Tot enkele jaren geleden werd deze monnik voornamelijk in Zuid-Thailand vereerd. In de jaren vijftig van de twintigste eeuw werd hij flink gepromoot door enkele tempels in het verre zuiden van Thailand en als supermonnik gold hij voornamelijk in Zuid-Thailand.
De laatste jaren is er evenwel een enorme opleving van zijn populariteit in het hele land: de oudste der ‘vereerde vaders en grootvaders’ is nu een rising star aan het firmament van magisch begaafde monniken. Voordat we een kijkje gaan nemen bij tempels waar Thuat nu vereerd wordt, eerst wat meer over het leven van deze monnik en wat er zoal in de jaren daarna is bij verzonnen.

Thuats verering strekt zich uit over Thailand, Maleisië en Singapore. Aan de amuletten van de heilige worden grote beschermende krachten toegeschreven en zijn vooral beroemd als bescherming tegen fatale auto-ongelukken. De eerste Thuat-amuletten werden pas in 1954 gefabriceerd, wat gebeurde onder toezicht van de abt van Wat Chang Hai, Phra Achan Tim Dharmataro. Die eerste amuletten zijn nu een kostbaar collector’s item waaraan een bijzondere magische kracht wordt toegeschreven. Ze waren geperst uit geneeskrachtige kruiden en poeder. Later kwamen er ook metalen Thuat-amuletten op de markt.
Enkele biografische aspecten van de Thuat-verering worden in een populair werk als volgt samengevat:
‘Rond 1582 was hij in Zuid-Thailand geboren. Toen hij eens in een boot op weg naar de Siamese hoofdstad Ayutthaya was, raakte het drinkwater op en toverde hij zeewater om in zoet water. In Ayutthya werd hij een nationale held. In Zuid-Thailand wordt hij in diverse tempels vereerd, zoals in Wat Chang Hai in de provincie Pattani. Deze tempel ligt aan de spoorlijn van Bangkok naar Maleisië. In 1942 kwam een trein met Japanse troepen voor de verovering van Singapore er diverse keren op mysterieuze wijze tot stilstand. Het ‘wonder’ werd toegeschreven aan de dolende geest van de heilige die kennelijk voor de geallieerden was.’(3)

Voor een meer uitgebreide biografische schets volgen we hier de studie van Peltier, een van de eerste grondige onderzoeken naar het verschijnsel ‘heilige monnik’ in Thailand (4). Peltier vat een aantal biografieën en mondelinge getuigenissen samen, maar merkt eerst over deze ‘bronnen’ op dat ze helaas meer legende dan geschiedenis bevatten. In een van deze biografieën gaat meer dan de helft van de tekst over de wonderen die Thuat zou hebben verricht. (5)

‘Er zijn weinig mensen in Thailand te vinden,’ begint Peltier het hoofdstuk over Thuat, ‘die niet vertrouwd zijn met de naam van Phra Pho Kho ( พระพะโค๊ะ ), ook wel bekend als Luang Pho Thuat ( หลวงพ่อทวด) of Luang Pho Thuat Yiap Nam Thale Chuet (หลวงพ่อทวดเยียบน้ำทะเลจืด), want zijn antropomorfe afbeelding en zijn amuletten heten buitengewone krachten te bezitten.’
We zien hier dat in één van Thuats bijnamen de magische daad zit verwerkt waarmee hij het bekendst is geworden, namelijk dat hij eens ‘zeewater in zoet water veranderde’ (yiap nam thale chuet). Verder valt op dat in de tijd dat Peltier zijn studie verrichtte (de jaren zeventig van de 20ste eeuw) Thuats gebruikelijke eretitel Luang Pho (หลวงพ่อ, Grote/Vereerde Vader) was, terwijl de monnik heden ten dagen voornamelijk met Luang Pu (หลวงปู่, Grote/ Vereerde Grootvader) wordt aangeduid.

Luang Pu Thuat werd geboren op een vrijdag in de derde maand van 1582, een Jaar van de Slang. Dat gebeurde in Sathing Phra, een district in de provincie Song Khla gelegen aan de Golf van Thailand. Tijdens Thuats geboorte beefde de aarde en toen zijn vader de placenta begroef aan de voet van een ton liap ( ต้นเลียบFicus superba of Ficus lacor), een soort vijgenboom, schudde de aarde opnieuw.
Toen het kind drie maanden oud was voltrok zich al een wonder. Moeder had haar kindje meegenomen naar de rijstvelden en in een hangmatje in de schaduw van een boom gelegd. Toen verscheen er een enorme slang bij de baby die voor de nodige paniek zorgde. Maar de moeder besefte dat de slang wellicht een incarnatie van een god was en plukte bloemen die zij samen met geroosterde rijst aan de slang offerde. Na dit offer spuwde de slang een kristallen bol ter grootte van een duivenei uit en legde die op de hals van de baby en verdween. Met deze kristallen bol, de Kaeo Phaya Ngu (แก้วพญางู, ‘Cristal Lord Snake’) zouden later de nodige wonderen verricht worden. Deze kristallen bol wordt tegenwoordig in Wat Pha Kho, Sathing Phra, bewaard. Wanneer de bol in een glas water wordt gedaan en speciale Thuat-mantra worden opgezegd, wordt het water met magische kracht geïmpregneerd en mensen die het water drinken zullen daarmee beschermd worden tegen velerlei kwaad.
Thuat liet zich in Nakhon Si Thammarat, Zuid-Thailand, tot monnik inwijden, maar vertrok al gauw naar de Siamese hoofdstad Ayutthaya.

fig04-thuat
Figuur 4: 1. Een gigantisch beeld van een staande Luang Pu Thuat bij Wat Mae Khrai, Mae On District, Chiang Mai. 2. Eveneens op het tempelterrein van Wat Mae Takhrai: een enorm, met goudpapier bedekt hoofd van de heilige. 3. Reclame voor Thuat-parafernalia op het tempelterrein van Wat Mae Takhrai.

Het was tijdens de boottocht naar Ayutthaya dat Thuat zijn bekendste wonder verrichtte. Er bestaan verschillende versies van. De ene zegt dat er een grote storm uitbrak, volgens de andere was er juist een lange periode van windstilte, ook zou er sprake geweest zijn van piraterij. In elk geval raakte de boot snel door de voorraad zoet water heen. En om te voorkomen dat men van de dorst omkwam toverde Phuat toen zeewater om in zoet water.
De verdere reis verliep zonder noemenswaardige gebeurtenissen. Thuat vestigde zich bij een buiten de stad Ayutthaya gelegen pagode om zich in alle rust te wijden aan de vipassana kammatthana, een vorm van meditatie. Men zegt dat in die tijd de koning van Ceylon (Sri Lanka) Siam wilde onderwerpen en dat Thuat dat wist te voorkomen. Omdat de koning van Ceylon een goed boeddhist was stuurde hij geen leger naar Ayutthaya—bloed vergieten zou tegen de boeddhistische moraal geweest zijn—maar een afvaardiging van zeven bramanen en verder zeven schepen gevuld met kostbaarheden. Het ‘vreedzame’ plan Siam te veroveren verliep als volgt. De Ceylonese bramanen legden de koning van Ayutthaya een raadsel voor dat de koning binnen een week zou moeten oplossen. Slaagde deze daar niet in, dan zou Siam een vazal van Ceylon worden. Geen van de geleerden of monniken aan het hof slaagde erin het raadsel op te lossen. Op de zevende dag begaf Thuat zich naar het paleis om zijn vaderland te redden. Hij concentreerde zich, deed ‘een beroep op’ zijn ouders, aan zijn oude leraren, aan de godheden en beroemde zich op zijn vele verdiensten (bun). Het raadsel bestond uit een soort Super Scrabble: 80 000 letters van het alfabet in de vorm van kleine tabletjes moesten zo worden gerangschikt dat er een belangrijke boodschap ontstond. Thuat slaagde er weldra in maar bemerkte dat er zeven letters ontbraken en vroeg de bramanen hem die te geven. De zeven bezoekers stonden perplex en gaven Thuat de resterende letters om de tekst te voltooien, wat een passage was uit de Traipitaka, de boeddhistische canonieke boeken. Aldus wist Thuat Siams onafhankelijkheid te waarborgen.
Thuat werd een nationale held. De koning bood hem het koningschap aan, maar Thuat weigerde vanwege zijn status als monnik. Om dezelfde redenen sloeg hij de zeven schepen met hun kostbare lading af die de koning hem wilde schenken.
Weldra keerde Thuat terug naar zijn dorp in Zuid-Thailand, vergezeld van 500 man en van schepen beladen met materiaal voor de renovatie van de tempel waarvan Thuat abt was (Wat Pha Kho). Tot op hoge leeftijd bleef hij in die tempel en zou in die tijd vele wonderen hebben verricht.
Op een dag plaatste hij zijn (kromme) wandelstok tegen een boomstam, waarop de takken van die boom dezelfde vorm aannamen als de wandelstok.
Uit andere wonderen (en zijn helderziendheid) zou blijken dat Thuat een bodhisatva was, een pre-incarnatie van de Boeddha Mettraiya, de toekomstige Boeddha die de mensheid opnieuw komt verlossen (meestal afgebeeld als een dikke, lachende man).

Luang Pu Thuat in Noord-Thailand
Wie daar een beetje oog voor heeft zal het ook opvallen bij tempelbezoekjes in Noord-Thailand dat Luang Pu Thuat er een groeiende belangstelling geniet.
Vele tempels hebben wel een groot beeld van hem staan bij het hoofdaltaar in de wihan, of in een apart daarvoor gebouwde kleine wihan of sala—beelden die er vooral de laatste jaren zijn geplaatst. In sommige tempels is een enorm beeld van Thuat de voornaamste attractie geworden. Gezegd moet worden dat de rising star van Thuat in het Noorden in het niet valt bij die van een andere monnik, Khruba Si Wichai (1877 – 1938), een heilige die sterk verbonden is met Noord-Thais chauvinisme. (Meer over Khruba Si Wichai: klik hier, voor de Engelse versie: klik hier.)

Wat Chai Mongkhon in Chiang Mai
In het centrum van Chiang Mai staat een prachtig wassen beeld van de heilige Thuat in de hoofdwihan van de aan de Ping gelegen Wat Chai Mongkhon. Achter de heilige bevindt zich een van de vele prachtige moderne muurschilderingen waar de tempel bekend om is. Je kunt bijna zeggen dat het beeld ‘levensecht’ is — met de wat sombere blik van de heilige, zijn diepe rimpels en talloze wratten, moedervlekken en pigmentvlekken. Thuat is aan het mediteren, hij zit in lotushouding en zijn beide handen rusten in zijn schoot. De dag dat ik het wassenbeeld fotografeer hebben bezoekers net een krans van afrikaantjes en een lotusbloem op zijn handen gelegd. Voor het beeld staat een blauw bord met pali-mantra (katha) die speciaal geschikt zijn om de geest van Thuat op te roepen. Aan de rand van het voetstuk waarop het beeld rust is een bord bevestigd met de naam van de politiegeneraal die het beeld heeft laten vervaardigen.
Het is niet zo verwonderlijk dat juist deze tempel een wassen beeld van Thuat bezit. De tempel heeft kennelijk royale inkomsten en heeft de laatste decennia flink aan de weg getimmerd met attracties die appeleren aan de voorkeuren van het ‘populair boeddhisme’. Overeenkomstig vinden we op het tempelterrein een beeld van koning Chulalongkorn (Rama V of Ro Ha, van 1868-1910 op de Siamese troon) wiens verering een hoogtepunt bereikte gedurende de laatste jaren van het afgelopen millennium.

fig05-thuat
Figuur 5: 1. Een wassenbeeld van Thuat in Wat Chai Mongkhon, Chiang Mai. 2. Drie identieke Thuat-beelden die te koop worden aangeboden in een tempel in Ranong, Zuid-Thailand. 3. Een beeld van Thuat in een langere galerij met beelden van heilige monniken in Wat Saeng Kaeo, Mae Suai District, Chiang Rai. Thuats beeld is het eerste beelde in de rij.

Wat Pa Tharaphirom in Chiang Dao
Deze ‘forest monastery’ (wat pa) bevindt zich ongeveer 15 km ten noordoosten van het stadje Chiang Dao in de provincie Noord-Thailand, mooi gelegen op een heuveltje en aan een beek. Het is een vrij groot terrein en er wordt momenteel (2016) hard gewerkt aan de voltooiing van nieuwe bouwwerken. De bouwwerken doen modern aan en je ziet dat er flink wat geld in gestoken is. Architectonisch zijn er enkele ongebruikelijke trekjes aan te bespeuren. Direct achter de chedi op het hoogste punt van de beboste top bevindt zich een fors bronzen beeld van Thuat onder een vergulde parasol. Je ziet dat het beeld met grote eerbied wordt gekoesterd. De dag dat ik er op bezoek ben, is het voetstuk van het beeld bedolven onder de bloemstukken (zie figuur 7-1). Vanachter het beeld heb je uitzicht over lager gelegen tempelterrein waar een enorm bouwwerk voltooiing bereikt. In de bot/wihan bij de pagode is een ander beeld van Thuat te vinden: een houten beeld dat het altaar flankeert (zie figuur 7-3). Zowel bij dit beeld als bij het bronzen beeld buiten ligt er een glazen bol in de schoot van de heilige, die de kaeo phaya ngu voorstelt die Thuat als baby had ontvangen van een grote slang.

fig06-thuat
Figuur 6: 1. Een spandoek op het terrein van Wat Mae Takhrai waarop (fonds wervende) activiteiten van de tempel worden aangekondigd. 2-3: Beelden van respectievelijk de Chinese godin Kuan Im en de Siamese koning Rama V, heiligen die een grote populariteit genieten in het vooral door de middenklasse aangehangen ‘populaire boeddhisme’.

Wat Mae Takhrai, Mae On District, Chiang Mai
Deze dorpstempel bevindt zich tamelijk afgelegen in de heuvels 50 km ten oosten van Chiang Mai. Wie de moeite neemt het dorpje Mae Takhrai te bezoeken zal zich erover verbazen op zo’n landelijke, afgelegen plek een gigantisch beeld van de monnik aan te treffen. Ik schat het beeld zo’n vier verdiepingen hoog. Thuat is er wandelend afgebeeld, als zwerfmonnik met als bagage slechts een wandelstok, een parasol en zijn bedelnap. De vervaardiging van het ‘goed gelijkende’ bronzen beeld moet heel wat duiten gekost hebben. Daarnaast is er een enorme buste van de heilige (figuur 4-1 en 4-2). Een wandeling over het tempelterrein maakt al gauw duidelijk dat de tempel zichzelf goed weet te promoten. Op talloze plaatsen hangen spandoeken waarop nieuwe (inkomsten wervende) activiteiten worden aangekondigd. Beelden van Kuan Yim en koning Rama V getuigen ervan dat de tempel eerder met andere iconen van het populaire boeddhisme aan de bel heeft getrokken (figuur 6.)

Wat Saeng Kaeo, Mae Suai District, Chiang Rai
Deze gloednieuwe (gedeeltelijk nog onvoltooide) tempel in de provincie Chiang Rai illustreert treffend enkele belangrijke aspecten van het moderne populaire boeddhisme in Thailand. Je ziet al meteen dat er kapitalen aan zijn geïnvesteerd. Kom je van de kant van Chiang Mai dan wordt de tempel al tientallen kilometers van tevoren op borden aangekondigd. Een paar kilometer vóór Mae Suai moet je Highway 118 verlaten en een korte rit van 2 km over een nieuwe weg (met wellicht het gladste asfalt in het district) brengt je bij de tempel waar talloze grote parkeerterreinen zijn aangelegd. De uitgestrektheid van het moderne complex en de uitstraling van het kapitaal dat er geïnvesteerd is, roepen bij mij meteen de frase ‘construction as religion’ in de herinnering, de titel van een (net voltooid?) proefschrift over Noord-Thais boeddhisme. De grote trekpleisters zijn er enkele enorme beelden van populaire, religieuze iconen, die de Boeddha in feite overvleugelen. Dat zijn in de eerste plaats het enorme beeld van de Noord-Thaise monnik Khruba Si Wichai (figuur 3-2) geflankeerd door twee beelden van zijn ‘discipelen’. Verder zijn er reuzenbeelden van de hindoegod Ganesha en de Chinese godin der Barmhartigheid Kuan Im. Omdat de verering van Khruba Si Wichai er min of meer centraal staat, is het niet te verwachten dat er ook nog een reuzenbeeld van een andere monnik de aandacht trekt. Maar we vinden er wel een lange galerij van kleinere beelden van overwegend beroemde Noord-Thaise heilige monniken en voorop in deze rij staan twee beelden van de oudste heilige monnik, Luang Pu Thuat (figuur 5-3 toont er een van).

Het is te verwachten dat Thuats populariteit in Noord-Thailand verder zal groeien (ondanks de concurrentie van lokale heilige monniken). In Zuid- en zelfs Centraal-Thailand is Thuat een enorme rage. Op weg naar het Zuiden passeerde ik onlangs een gigantisch Thuat-beeld in de omgeving van Hua Hin (figuur 2-1 en 2-2) terwijl ik op het internet al gauw beet had met enkele Youtube –filmpjes over de bouw van mega-Thuat beelden: één in het verre zuiden dat in aanwezigheid van ex-premier Prem Tinsulanonda werd ingezegend, en een vergelijkbare kolos die in Ang Thong (ten noorden van Ayutthaya) in aanbouw is, en er zullen er ongetwijfeld nog veel meer zijn en nog bijkomen.

©SJON HAUSER: tekst en foto’s

fig07-thuat
Figuur 7: 1. Een groot beeld van Luang Pu Thuat bij de hoofdtempel van Wat Pa Tharaphirom in Chiang Dao District, Chiang Mai. 2. Een poster op het tempelterrein waarop reclame gemaakt wordt voor Luang Pu Thuat (links) en Luang Pu Du (rechts) die het beeld van de Boeddha mediterend onder de hoede van de naga flankeren. 3. Een houten beeld van Thuat in de bot van de tempel met in zijn schoot de magische kristallen bol.

Noten

1. De omvang van die miljoenenbedrijven wordt door Kitiarsa geïllustreerd met de rise and fall van de Chatukham-Rammathep Amulet: in 2007 wordt de omzet op ongeveer 40 miljard baht (US$ 1,2 miljard) geschat (Kitiarsa, 2012, p. 117).

2. Peltier (1977) en Mulder (1978) behoren tot de eersten die benadrukten dat er een verband bestond met de Vietnamoorlog en de strijd tegen de communisten en de groeiende vraag naar door monniken gezegende amuletten.

3. naar Hauser (1997), p. 59-60.

4. Peltier (1977), p. 107-115.

5. Peltier (1977), p. 107, voetnoot 1.

Bronnen

Hauser, Sjon, 1997. Thailands heilige monniken. In: Sjon Hauser, Spotlights op Thailand. Vieng travel, Bangkok, pp. 57-74.

Kitiarsa, Pattana, 2012. Mediums, monks, and amulets. Thai popular Buddhism today. Silkworm Books, Chiang Mai.

Mulder, Niels, 1978. Everyday Life in Thailand: An Interpretation. Editions Duang Kamol, Bangkok.

Peltier, Anatole-Roger, 1977. Introduction à la connaissance des hlvṅ ba¹ หลวงพ่อ de Thaïlande. Ecole Française d’Extrême Orient, Paris.