Hond in Sakon Nakhon—delicious and useful dogs

een hond

Tasty Fro now rests in peace.

DOGS IN SAKON NAKHON
Tik, a gay queen from Sakon Nakhon in northeastern Thailand and a dedicated follower of fashion, had been working for three years in a bar in the tourist centre of Phuket’s Patong Beach. He had not visited his home during these years. There was nostalgia in his articulation when he confessed to me: ‘For more than three years, I had no opportunity to eat dog meat.’
Tik, een modieuze nicht uit Sakon Nakhon in Noordoost-Thailand werkte al drie jaar in een bar op het toeristische eiland Phuket en was al die tijd nog niet naar huis geweest. Met een zweem van heimwee in zijn stem vertelde hij: ‘Ik heb al zo lang geen hond meer gegeten!’

At home in Sakon Nakhon, dog meat is a delicacy, and Tik used to eat it once or twice a month. He particularly liked the barbecued meat, and lap (minced meat with many spices and lime juice). Many Asians are fond of dog meat, such as the Chinese and Koreans. And it is said that the women of the Akha, een mountain tribe from the Golden Triangle, have sturdy, fat legs due to the frequent consumption of dogs. Dog is on the menu of many small restaurants in the Philippines. Even for the pet animal at home there will be no mercy when the tastiest food is required at special occasions. On the island of Catanduanes, I befriended a man whose rooster won an important fight that day, and he had made a lot of money. This was celebrated with bottles of Philippine rum, and a little later the faithful guardian of his home, a middle-sized dog, was being roasted above a charcoal fire.
Thuis is dat een delicatesse en at hij het al gauw een of twee keer per maand. Hondensaté of het gehakt met vele kruiden en limoensap verwerkt tot een schotel lap. Hondenvlees is in Azië geliefd. Chinezen noch Koreanen zijn er vies van. En over de Akha’s, een bergvolk uit de Gouden Driehoek, wordt geroddeld dat de vrouwen zulke dikke benen hebben omdat ze vaak hond eten. Menig Filipijns restaurant heeft hond op het menu. Zelfs voor het eigen huisdier bestaat geen genade. Op het eiland Catanduanes maakte ik kennis met een bewoner wiens vechthaan die dag had gewonnen. Om dit te vieren werd een fles rum aangerukt en hing zijn waakhond weldra boven een houtskoolvuur.

In the prosperous district of Tha Rae in Sakon Nakhon dogs are pivotal in the local economy. Dried dog meat sells like hot cakes. The people got a taste for it after Vietnamese refugees had settled in the place. Dog meat is also a source of protein for cattle and cultivated fish.
No part of the animals is discarded. The skin is used for making lady bags, the scrotum for gloves for golf players. Testicles and dried penises are exported to China and Japan where medicines are made from it. The bones are boiled to extract the oil.

dog

Bobo was a delicious dog.

Niets van het dier wordt weggegooid. Van de huid maakt men damestasjes, van het scrotum handschoenen voor golfspelers. Testikels en gedroogde penissen worden als medicijn naar China en Taiwan geëxporteerd. Uit de botten kookt men olie.

In the centre of Sakon Nakhon I once was witness of an accident. A dog was killed by a passing car. When the owner returned to the spot with a cardboard box to carry away her beloved pet, the driver of a samlo (‘tricycle rickshaw’) had already disappeared with the dead animal in his vehicle.
To supply in the large demand for dogs, pick up trucks loaded with iron cages are crisscrossing the province’s countryside. When passing through a village, a message sounds loudly from a speaker: ‘We will buy your fat dog, your lazy dog and dogs that do not bark well!’ Usually an animal is exchanged for a plastic bucket, worth little more than a dollar. In a slaughterhouse the animals are killed by smattering their skull with an iron rod.

In het centrum van Sakon Nakhon was ik er eens getuige van dat een hond op straat werd doodgereden. De eigenares haalde net een doos om haar troeteldier in te stoppen, of de bestuurder van een samlo (driewielige fietstaxi) had de hond al in zijn wagentje geladen.
Om in de grote vraag naar hond te voorzien, rijden pick ups met tot kooi omgebouwde laadbakken door de omliggende provincies. In de dorpen galmen hun luidspeakers: ‘Wij kopen uw vette hond, luie hond en hond die niet goed blaft!’ Meestal wordt het dier afgestaan in ruil voor een plastic emmer ter waarde van een euro. In het slachthuis worden de dieren met een ijzeren pijp de schedel ingeslagen.

Nu restaurants met hert, vleermuis, python en ander ‘wild’ op het menu taboe zijn, is het promoten van het eten van hond als toeristische attractie een goede optie. Het is lekker, exotisch en sluit nauw aan bij de locale tradities. Bovendien is het een efficiënt wapen tegen de plaag van zwerfhonden en de verspreiding van hondsdolheid — een onderschat gevaar bij de reizigers die zich al in het vliegtuig met muggenmelk insmeren.

©SJON HAUSER: TEXT AND PICTURES

Een iets andere versie van dit verhaal verscheen als column in de Volkskrant van15 juni 2002.