Cicades, de herrieschoppers in het bos

Cicade Doi SuthepWie voor de rust de natuur in de tropen opzoekt komt vaak bedrogen uit.
In rustieke bergdorpjes die geheel door bos zijn omgeven houdt het geblaf van de honden je ‘s nachts vaak uit de slaap.


Beginnen de honden vroeg in de morgen te bedaren, dan zorgen de kraaiende hanen er wel voor dat je geen oog dicht doet.

En bij een moeras, meertje of vijver zwengelt de koorzang van de kikkers ‘s nachts aan tot een oorverdovend lawaai.

Zelfs diep in het bos, ver van elke bewoning, kan het een herrie zijn.

Zoals een zeurend gemiauw overdag dat geleidelijk in decibels toeneemt — het lijkt of men bezig is met kettingzagen woudreuzen neer te halen.

Dan is het even stil, maar evenlater begint weer een nieuwe ronde.

Of meer in de verte, hoog in de bomen, bijna in de hemel, zo lijkt het wel, klinkt een monotone fluittoon, zo hard en doordringend alsof God daarboven een almachtige fluitketel met kokend water heeft opstaan.

cicade in vlucht

Een cicade in vlucht.

Wat veroorzaakt die herrie van kettingzagen en fluitketels, en een heel assortiment van andere bizarre geluiden?

Dat blijft vaak een raadsel, totdat je blik met wat geluk valt op een forse ‘kever’ die meestal goed gecamoufleerd tegen een boomstam zit.

En wanneer je te dichtbij komt vliegt deze op, alsof gelanceerd met een catapult, en is het even stil — totdat het diertje, een cicade, op een boomstam verderop zijn ‘zang’ hervat.

Het meeste kabaal in het bos wordt voortgebracht door deze cicades (in het Engels: cicadas). Het zijn geen kevers, maar een bijzondere groep van insecten. Binnen de orde  der Homoptera vormen ze de superfamilie der Cicadoidea.

In een andere insectenorde, de Orthoptera, komen ook herrieschoppers voor, zoals de krekels, maar het geluid dat ze produceren is minder spectaculair.

Cicades kunnen 8 cm groot worden, meestal zijn wat kleiner. Door een perfecte schutkleur vallen ze niet op wanneer ze op een tak of boomstam aan het vocaliseren zijn. Veel soorten hebben echter prachtige kleuren en doen nauwelijks onder voor de mooiste vlinders en motten.

cicade Khao Sok

Een cicade is neergestreken op een arm.

Cicades hebben een bijzondere levenscyclus.
Het larvestadium van de dieren voert jarenlang een sober ondergronds bestaan. Uiteindelijk zoeken ze het daglicht op en vindt er binnen enkele uren een ‘onvolledige metamorfose’ plaats.
De lawaaiige bovengrondse cicade die dan tevoorschijn komt is het voortplantingsstadium van het dier. Alleen de mannetjes maken de herrie en dat doen ze om de wijfjes te lokken en daarmee te copuleren.
De levensduur van dit voorplantingsstadium is niet langer dan zes weken. Het wijfje wordt dan bevrucht en legt haar eieren door middel van een buisvormige structuur onder de schors van bomen.

Als de larven uit de eitjes komen zoeken die meteen de grond op waar ze in gangenstelsels zullen gaan leven — meestal niet dieper dan een meter.

Hun poten zijn geschikt om mee te graven. Ze spuiten hun urine op de aarde om het graafwerk te vergemakkelijken. Een groot deel van de dag zijn ze bezig de sappen uit de wortels van planten te zuigen.

Ondergronds maken ze een paar keer een kleine gedaanteverwisseling door, totdat na een aantal jaren de fase bereikt wordt waarin de grote stap naar de buitenwereld wordt ondernomen: daar volgen de laatste metamorfose naar het cicade-stadium, de voortplanting en de dood elkaar snel op.

cicadeDe manier waarop de mannetjes hun luidruchtige lokroep produceren is uniek. Ze bezitten een apart orgaantje aan het eerste segment van de buik, het zogenaamde ‘tymbalic organ’.

Het bestaat uit twee symmetrische membranen, de cymbalen, die in 1600 voor het eerst zijn beschreven door Casserius. Later werden die membranen timbalen of tymbalen genoemd. Door middel van een korte pees zijn ze verbonden met een krachtige spier.

Het samentrekken daarvan veroorzaakt een vormverandering van de membranen. Het geluid dat bij snelle ritmische contracties ontstaat wordt versterkt in een deel van de buik dat als resonantiekamer dient.

Cicades zijn zodoende de enige echte ‘buiksprekers’ in de natuur.

Het geluid dat de dieren voortbrengen is doorgaans uniek voor elke soort. De verscheidenheid is enorm.

De Franse entomoloog Michel Boulard, expert van de Thaise cicades, onderscheidt op grond daarvan o.a. de Hand-bell Cicada, Metallic Singing Cicade, Whistling Cicada, Trumpeter Cicada, Tuba Cicada en Bird Cicada.

En het tijdstip waarop de dieren hun lokroep produceren heeft tot namen geleid als Tea-time Cicada, Six o’clock Cicada en ‘alarm clock cicadas’.

Na het lezen van Boulards boeiende boek over cicades (hieronder) gaat er een nieuwe wereld van junglegeluiden en onderaards graafwerk voor je open. Bij het boek wordt een audio-CD geleverd met opnames van de lokroep van een veertigtal Thaise soorten. Het boek is mogelijk nog te koop in het Suriwong Book Centre in Chiang Mai.

©SJON HAUSER: tekst en foto’s