Home – Northern Thailand’s Nature and Cultures

Mei 2019

1. Kruiwagenbarok in Mae Sot. 2. Alles over de Boeddha-voetafdruk, 3. Stoliczka’s Stripe-necked Snake, een verlegen slangetje—nu ook ontdekt in Thailand, 4. Casa Waranya in Omkoi, accommodatie met een subliem uitzicht.

Nieuwe stukkies

“IDEALE” ACCOMMODATIE . Drie door mij van harte aanbevolen “resorts” in Noord-Thailand zijn Garden Huts in Umphang in de provincie Tak (B op de bovenstaande foto), Casa Waranya in Omkoi in zuidelijk Chiang Mai (op foto: C) en Bo Kon Homestay in Pua in de provincie Nan (Op foto: A). Vooral door hun mooie ligging en rustige atmosfeer behoren deze resorts tot mijn favoriete plekjes. Meer hierover in: link http://www.sjonhauser.nl/droomhuisjes-in-noord-thailand.html.

SLANGENNIEUWS: Stoliczka’s Stripe-necked  Snake (Liopeltis stoliczkae) is een mooi, zeer slank, en fijn getekend slangetje met een lange staart. Tot voor kort was het beestje slechts bekend van een tiental exemplaren uit Noord-India, één exemplaar uit Laos, eentje uit Cambodja en één uit Vietnam. Een zeer zeldzaam slangetje dus. In 2004 vond ik zo’n diertje in Thailand, 20 km buiten Chiang Mai. In de erop volgende (vijftien) jaar vond ik nog zeker zo’n dertig van deze slangen verspreid over heel Noord-Thailand, de meeste dood (plat gereden) op de weg, maar ook een vijftal levende dieren. Het werd tijd daarover een een “wetenschappelijk” stukkie te schrijven. Maart dit jaar werd dit artikel gepubliceerd in het Natural History Bulletin of the Siam Society. Meer over de slangensoort in: link . En voor de echte liefhebbers is hier de link naar het te downloaden artikel: link

BOEDDHA-VOETAFDRUKKEN. Te oordelen naar het formaat van Boeddha’s voetafdrukken moet de verlichte minstens schoenmaat 58 gehad hebben. En aangezien historici menen dat de Boeddha nooit buiten India is geweest, kunnen al die Boeddha-voetafdrukken in Thailand dus niet “echt” zijn. Toch genieten deze Boeddha-voetafdrukken een grote verering. De afgelopen jaren deden vele tempels in Thailand er alles aan om bezoekers te trekken door middel van een nieuwe attractie, zoals een groot beeld van de Boeddha of van een god of godin of een heilige monnik. Ook de Boeddha-voetafdruk hoort in dit rijtje van trekpleisters thuis en honderden Thaise tempels zijn recentelijk een Boeddha-voetafdruk rijker geworden. Meer, heel veel zelfs, over deze bijzondere vereringsobjecten in: klik link

RARE ORNAMENTEN. De Thaise architectuur wordt tradioneel onder meer gekenmerkt door zeer overdadige ornamentering. Men denke bijvoorbeeld aan het vergulde houtsnijwerk dat veel Thaise tempels tooit of het mozaïek van stukjes gekleurd spiegelglas. De wereldse architectuur die vanaf de jaren vijftig opgang maakte tijdens de beginfase der urbane woekergroei waren daarentegen uitgesproken sober, zoals de oerlelijke rechttoe-rechtaan woningen van twee of drie verdiepingen waarmee een groot deel van Bangkok staat volgebouwd (voordat de hoogbouw doorbrak in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw). De enige “ornamentering” die deze saaibouw kende was het uitgebreide traliewerk tegen inbraak. Tijdens de economische boom van de jaren negentig voorzag nieuwbouw met Spaanse barok-balkonnen of protserig smeedijzeren hekwerk aan de wansmaak van de groeiende middenklasse (bij de zwaarste gevallen tooien Griekse of Romeinse beelden het dak van deze parvenu-paleisjes). Kleur speelde een geringe rol, maar rond 2010 brak de kleurengekte los in de Thaise bouw, alsof er een lobby van de verfindustrie achter stak. Tegelijkertijd werd de gimmick steeds belangrijker als onderdeel van de Thaise architectuur: een bepaald thema of motief moest een bouwwerk “karakteriseren” en opvallend maken. (Die gimmicks zijn vaak het opvallendst en tot in details uitgewerkt bij resorts en restaurants, zie: link http://www.sjonhauser.nl/noord-thaise-wegen-een-wintersprookje.html). Inmiddels is de kleurengekte al weer op zijn retour, maar van wel doordachte ‘ornamentering’ in sobere kleuren zijn nog talloze recente voorbeelden te vinden. In Mae Sot (provincie Tak) werd ik onlangs getroffen door een fraai staaltje “kruiwagen-Bauhaus”: zie de bijgevoegde foto—uniek, mag je wel stellen.

1. Liopeltis frenatus, Nan. 2. Cyclophiops multicinctus, 3. Episode uit de Bhuridatta Jataka in een tempelschildering. 4. Liggende Boeddha van Phu Po, Kalasin.

April – Mei 2018: Slangennieuws, meer over Jatakas en ‘Liggende Boeddha’s’

Slangenieuws: Twee zeldzame soorten slangen die voorheen onbekend waren in Thailand, zijn onlangs ontdekt in het oosten van Noord-Thailand. De ‘Ringneck’ Liopeltis frenatus (linkboven) blijkt in submontaan oerbos in de provincie Nan te leven. Van de soort Cyclophiops multicinctus (tweede van links) werd een roadkill laag in de heuvels van Uttaradit gevonden, nauwelijks 15 km van de grens met Laos. De ontdekking van de twee slangen in Thailand wordt beschreven in het tijdschrift Tropical Natural History van April 2018: klik hier .

A. Muurschildering Wat Dok Kham, Chiang Mai, 2. Detail van A. 3. De gebruikelijke illustratie van
de Bhuridatta Jataka in een Noord-Thaise tempel.

Onlangs ontdekte ik ook een slang op een tempelmuurschildering. Op plaatje A zie je de “ouwe viezerik” Chu Chok die net op tijd in een boom is geklommen om aan de bloeddorstige honden van een boswachter te ontkomen. Maar het gevaar komt op deze schildering van twee kanten, want achter Chu Chok is een groene slang om een dikke tak gewikkeld en heeft zijn voorlijf al wat opgericht, klaar om in een kuit van de oude Brahmaan te bijten. Deze scène uit de Vessantara Jataka wordt in ongeveer de helft van de tempels in Noord-Thailand afgebeeld, tesamen met twaalf (en soms meer) andere episoden uit het verhaal. Ik heb op deze website ruim aandacht besteed aan de lotgevallen van Chu Chok. Het tafereel dat hij in een boom is geklommen heb ik in minstens vijftig verschillende tempels gefotografeerd. Maar nooit eerder was er in de muurschildering een slang te vinden—ook in de ‘oorspronkelijke tekst’ staat niets over zo’n bedreiging geschreven. Dankzij de vrijheid van de kunstenaar is een slang dus het tafereel binnengeslopen: het betreft een muurschildering in Wat Dok Kham nabij de Tha Phae Poort in het centrum van Chiang Mai. De slang lijkt op een groene groefkopadder. De in Noord-Thailand voorkomende soorten Trimeresurus macrops en T. popeiorum kunnen blauwgroen van kleur zijn. Bij de mannetjes van T. popeiorum is er bovendien een rood-witte lijn bij de overgang van de (blauw)groene rugschubben en de (groene) buikschubben—en ik meen zo’n kleurige ‘ventrolateraalstreep’ in de muurschildering te onderscheiden. Overigens wijst het patroon op de bast van de boom erop dat Chu Chok in een van de talloze soorten in geslacht Lagerstroemia (‘Proud of India’) is geklommen.

Jataka-vertellingen gaan over de vele eerdere existenties van de Boeddha voordat deze herboren zou worden als Siddharta, de prins die de verlichting bereikte (de Boeddha werd) en daarna niet meer herboren zou worden. In deze verhalen spelen slangen en naga’s (mythologische slangen) vaak een grote rol. In de Bhuritatta Jataka is de hoofdpersoon (de incarnatie van de Boeddha) zo’n naga, de nagaprins Bhuridatta, die zich voorneemt in overeenstemming met de hoogste morele principes te leven, en die daar ook in slaagt. Maar het is een lijdensweg om dat doel te bereiken, want hij wordt door een slangenbezweerder gevangen en wreed behandeld. Als een soort vaudeville-artiest trekt die slangenbezweerder met de naga Bhuridatta van marktplein naar dorpsplein en overal moet de naga op vernederende wijze zijn kunstjes vertonen. Hoezeer de naga ook lijdt, hij verzet zich niet. Uiteindelijk wordt Bhuridatta uit zijn trieste situatie verlost door een broer en zus (beiden ook naga’s)—happy end! En als hij na een lang en gelukkig leven sterft wordt hij herboren in de hemel.
Een enkele episode uit dit verhaal over de belevenissen van de naga Bhuridatta vindt men vaak afgebeeld in tempelschilderingen: de episode waarin Bhuridatta om een termietenheuvel is gewonden en de slangenbezweerder hem met behulp van waaier en toverspreuk onderwerpt (C. in de illustratie hierboven). Meer over dit wonderbaarlijke verhaal in het zojuist geposte  verhaal: Bhuridatta Jataka .

Kalasins Phu Po. Ook deze maand weer aandacht voor de Isan waar ik vorig jaar een aantal weken had doorgebracht. Een van de aardigste bezienswaardigheden vond ik Phu Po, een inselberg temidden van cassave- en suikerrietvelden, waar men eeuwen geleden twee ‘Liggende Boeddha’s’ in situ uit de zandsteenrotsen heeft gehouwen. Meer hierover in de post: Phu Po .

February 2018. In 2017 I spent five weeks in the northeastern region of Thailand, also known as Isan. While crossing the provinces of Chaiyaphum, Udon Thani, Nong Khai, Kalasin and Sakon Nakhon, I came across many charming and interesting temples and impressive rock formations.


Definitely off the beaten track are Wat Chedi in Chaiyaphum’s Khon San District (click here), and Phu Po (Po Hill) in Kalasin Province (click here), ancient religious sites. In the temple at the foot of Phu Po I was fascinated by a wall painting / mural that illustrated an episode of the Vessantara Jataka in a way I had never seen before: In the foreground Prince Vessantara is standing, almost overcome by emotion, whereas in the background his children are beaten by the old and ugly Chu Chok who is leading them away. This mural inspired me to write down a few reflections on the ultimate gift of the prince’s own children, the climax of the Vessantara Jataka (click here).
On the other hand, Wat Choeng Chum is not off the beaten track. The temple is the proud of Sakon Nakhon City, and attracts hundreds of visitors every day. I was in particular impressed by the brightly colored murals inside the richly ornamented cruciform wihan (click here).
At the foot of a low hill in Kalasin Province I found a track of dinosaur footprints in the sand stone bed of a little meandering stream . Thanks God, they were not fresh, as the creature that had left them behind was a relative of the monstrous Tyrannosaurus rex. Read the story: click here !
When in Sakon Nakhon, I also visited the memorial stupas annex museums of four famous luang pu (venerated grandfathers), thudong monks of the forest tradition who had become celebrities during their lifetime: Achan Man, Luang Pu Thet, Luang Pu Fan and Luang Pu Wan (click here). What’s more, I was in the Isan during the weeks just before the cremation of the last king, Bhumibol Adulyadej, on 26 October 2017. Anywhere billboards with messages in praise of the deceased king were erected and marigolds were planted as a last farewell. For a selection of pictures of this final devotion to the last monarch: click here.

Snake enthusiasts visiting my website, please be aware that the new, illustrated check list for snakes in North Thailand is almost completed. More than 90 per cent of the approximately one hundred species that are known to occur in the region have been illustrated with photographs: click here .