Home – Northern Thailand’s Nature and Cultures

01-Zwerfmonniken en Isan-670a•  Heilige monniken, zwerfmonniken, Noordoost-Thailand-MEI-JUNI 2016
Ziedend heet was het in april en mei in Chiang Mai, en gortdroog. Regelmatig steeg het kwik in de middag tot 42 graden Celsius. Een enkele keer brachten windstoten of een buitje eventjes verkoeling. Metereologisch is de tijd van het jaar wel interessant. Plotselinge rukwinden leggen in een oogwenk een boom of een huis plat—en daarna is het weer bladstil. Soms storten er hagelkorrels zo groot als duiveneieren uit de hemel neer. Op Doi Inthanon maakten mijn neef Pim Julsing, fanatiek vogelaar, en ik mee dat een golfplaat van een dak werd afgerukt. Ik vreesde dat de plaat als een soort vliegende guillotine dood en verderf zou zaaien maar het plofte meteen op de grond.
SLANGENNIEUWS
Ondanks de hitte en droogte was het nog wel aardig vogelen, met name in de koelere ochtenduren. Zelfs de slangen waren al weer actief. We vonden heel wat road kills op Doi Inthanon en in de bergen van Doi Saket en Lampang, maar zagen weinig levende slangen. De prachtige Blue Bronzeback (Dendrelaphis cyanochloris) die middenop een weg door de bergen een kleurrijke agame (Acanthosaura lepidogaster) had gegrepen en op het punt stond deze te gaan verorberen, liet meteen los toen we eraan kwamen. De slang was er snel vandoor, de agame bleef nog even beduusd op het asfalt om zich heen kijken (zodat Pim een foto kon maken) en schoot toen ook in de berm.

02-slang en hagedis-670a1. De prachtige Blue Bronzeback (Dendrelaphis cyanochloris) (foto: Sjon Hauser). 2. De agame die even bijkomt van zijn Bijna-Doodervaring (foto: Pim Julsing).
Waren we iets later gekomen en was de wurgpartij begonnen aan de kant van de weg dan hadden we waarschijnlijk getuige kunnen zijn van een minstens een uur durend ochtendmaal. Geen slang is zo gedwee als eentje die net een halve hagedis naar binnen heeft gewerkt. Een paar jaar geleden heb ik een fotoserie gemaakt van een zweepslang (de Oriental Whipsnake Ahaetulla prasina) die anderhalf uur nodig had een forse agame te verorberen—zie hieronder.
03-zweepslang met prooi-670aEen Oriental Whip Snake werkt een agame naar binnen.

Dezelfde avond gingen we langs een beek bij een bergdorp naar slangen zoeken. Maar zonder resultaat. We hielden het kort, de blaffende honden in de omgeving begonnen na een uur op mijn zenuwen te werken. Zes weken eerder of zo verliep het avondherpen in het Khao Yai nationaal park onder leiding van Ton Smits succesvoller. Het park (en de omgeving erbuiten) is rijk aan slangen, vol prima trails en je wordt er niet gauw door honden lastig gevallen. En Ton weet waar sommige slangen uithangen. Zijn natuurtochten op maat kan ik van harte aanbevelen.
TONTAN TRAVEL, www.TonTanTravel.com , tours@TonTanTravel.com , +66 (0)87 87 45 794 , +66 (0)81 06 39 782
04-Ton S. en slangen-670a1. Ton Smits fotografeert een Cat Snake (Boiga cyanea) aan de rand van het Khaoi Yai nationaal park. 2. Vogel’s Pitviper (Trimeresurus vogeli) wordt pas sinds een jaar of twaalf erkend als een aparte soort. 3. Een juveniele Dryocalamus davisonii stak ‘s avonds in het park de weg over.
DE ZWERFMONNIKEN VAN HET NOORDOOSTEN
Hoewel ik de afgelopen maanden wel enkele slangentochtjes gemaakt heb, hied ik me de meeste tijd met andere dingen bezig—je moet die natuurverslaving niet overdrijven. Zo heb ik me weer eens een beetje verdiept in Thailands heilige monniken en bezocht enkele tempels waar beelden van deze monniken staan of waar deze monniken vereerd worden. Maar ik haalde ook mijn archief met foto’s en verslagen van tochtjes in het noordoosten van weleer overhoop. Ik had me er bij het schrijven van mijn boek Mekong nogal mee beziggehouden en heb die gedeeltelijk verzonken herinneringen weer boven water gehaald. Het herlezen van een studie over de zwerfmonniken van het noordoosten bracht dat allemaal verder tot leven.
In het Noordoosten, ook wel de Isan genoemd, is de traditie van Thaise (beter: Lao) zwerfmonniken tot bloei gekomen onder de vleugels van hun grote leermeester Achan Man Phurithatta (1870-1949). Talloze discipelen (leerlingen) van Man werden later zelf heilige monniken. Musea ter nagedachtenis van deze zwerfmonniken (die er ook nog vereerd worden) vind men verspreid over de regio. Het zijn interessante en vaak mooi gelegen plaatsen om te bezoeken. Het leven van talloze van deze zwefmonniken is ‘verweven’ met het communistisch verzet dat er van ca. 1965-1983 bloeide. Het was voor Thailand het “Amerikaanse Tijdperk”: buiten de Thaise grenzen woedde de Vietnam Oorlog (en daarnaast oorlogen in Laos en Cambodja) en tienduizenden Amerikanen waren in Thailand neergestreken om er de Amerikaanse luchtmachtbases te runnen en de Thais bij te staan bij de bestrijding van het communisme in Thailand—een ingrijpende periode in de recente Thaise geschiedenis. Veel van de huidige politieke warboel wordt iets begrijpelijker met een beetje kennis van die periode.
Al met al heeft dat oprakelen van de Isan-zwerfmonniken in een zestal stukkies geresuleerd—en er zitten er nog een paar in de pen. De verhaaltjes, vaak biografische schetsen, geven achtergrondinformatie voor degenen die van plan zijn kriskras door de Isan te reizen—de mausoleums en musea van deze monniken mogen dan zeker niet worden overgeslagen.Ten noorden van Ayutthaya rees de afgelopen jaren een gigantisch beeld van de vermaarde Luang Pu Thuat op langs de snelweg. Thuat leefde van 1588-1688 en is onder de meest vereerde Thaise heiligen waarschijnlijk  degene die het langst geleden leefde.
Voor een bezoek aan het reuzenbeeld: klik hier.
Achan Man (1870-1949), was het grote voorbeeld voor honderden zwefmonniken. Hij propageerde meditatie als de weg naar de uiteindelijke verlossing. En die meditatie diende in afgelegen plekken in de wilde natuur te gebeuren. Man bracht het grootste deel van zijn leven door in het Noordoosten en zijn ‘museum’ bevindt zich in Sakon Nakhon. Hij was ook een aantal jaren abt van Wat Chedi Luang in Chiang Mai en een wassen beeld van de heilige bevindt zich in een kapel achter de enorme geruïneerde chedi. Maar hij zwierf en mediteerde liever dan dat hij zich met tempelzaken bezighield. Meer lezen over deze hoogst invloedrijke monnik? klik hier.
Luang Pu Thet was een van de meest toegewijde leerlingen van Man en bracht samen met Man enkele jaren door in Noord-Thailand. Thet was vaak te vinden in de buurt van afgelegen dorpjes van etnische minderheden in de bergen. Door zijn contacten met die volkeren (onder wie de zeldzame en ‘schuwe’ Mlabri) kreeg hij een zeer positieve indruk van deze mensen—terwijl ze in de media doorgaans werden afgeschilderd als viezeriken of primitieve wilden. Thets ‘museum’ bevindt zich aan de Mekong in de provincie Nong Khai. Meer over deze heilige: hier .
Achan Chuan Kunlachettho was een andere beroemde discipel van Man. Hij zwierf en mediteerde lange tijd in delen van het noordoosten die golden als brandhaarden van het communistisch verzet. Uiteindelijk streek hij neer bij de 200 meter hoge zandsteenberg Phu Thok en bouwde een balustrade met trappen naar de top. Het museum van Chuan bevindt zich aan de voet van die berg in een pagode. Meer over Chuan: hier.
Verborgen prehistorie in de Isan
Als ‘research’ voor mijn boek Mekong. Van de Gouden Driehoek naar Vietnam (2008) heb ik heel wat weken door de Isan gezworven—op de motorfiets. Het boek was uiteindelijk ‘te dik’ geworden en mijn uitgever raadde me aan het in te korten. Dat deed ik en enkele hoofdstukken schrapte ik volledig. Daarbij was een hoofdstuk over een zoektocht naar prehistorische schilderingen die me naar twee tempels voerden in het district Suwanna Kuha (in de provincie provincie Nong Bua Lamphu). Het verhaal, dat ik terugvond op een oude CD-ROM, heb ik wat bijgewerkt en geïllustreerd met enkele foto’s vind je: hier gepost.
DSC07337d-670
DSC09268d
BOVEN DE POLITIEK?
In Thailand dienen de monniken zich van de politiek te onthouden, zo wordt vaak verondersteld. In werkelijkheid laten de mannen in het oranje gewaad zich nogal eens uit over politieke zaken en niet zelden zijn ze zelfs flink ‘geëngageerd’. En vaak bestaan er banden — duidelijke of niet al te duidelijke — tussen bepaalde sectoren van de Sangha (‘boeddhistische kerk’) en bepaalde formaties in de politiek.
Dat bleek weer eens duidelijk de afgelopen maand. Negentien februari berichtte de Bangkok Post dat er handgemeen was uitgebroken tussen soldaten en de 1200 monniken en hun aanhangers die in het Phutthamonthon Buddhist Park in Nakhon Pathom waren bijeengekomen. De demonstranten eisten van de regering dat er een snelle benoeming van een nieuwe patriarch van de Sangha zou volgen. De Bangkok Post voegde daaraan toe dat ‘dezelfde factie [als die van de demonstrerende monniken] ernaar streeft dat het boeddhisme in de nieuwe [in de maak zijnde] grondwet de nationale religie wordt en heeft de steun van de roodhemden-leider van het United Front for Democracy against Dictatorship [terwijl] de beschermheer van de roodhemden, de gevluchte ex-premier Thaksin Shinawatra, ook een nauwe band met Wat Dhammakaya had’—dat is een hele mond vol, die beslist wel enige toelichting kan gebruiken. Lees daarvoor verder in: Thammakai controversen .
Somdet Chuang, de oude monnik waar al die drukte om is, is de abt van een aan een kanaal gelegen tempel op de westoever van de Chao Phraya. Een bezoek per long-tailed boot aan deze tempel in 2003 staat beschreven in:
Wat Pak Nam Phasi Charoen  .
teaser-Thuat LUANG PU THUAT. In Thailand wordt een groot aantal monniken vereerd alsof ze goden zijn. Het betreft vaak monniken die al vele jaren geleden zijn gestorven, of nog levende, maar stokoude mannen in het oranje gewaad. Ze worden vaak met luang pho (‘vereerde vader’) of luang pu (‘vereerde grootvader’) aangesproken. Ze worden vooral aanbeden omdat men gelooft dat ze over magische krachten beschikken. Amuletten die door zulke monniken zijn gezegend zouden bescherming bieden tegen allerlei onheil. Een van de eerste heilige monniken was Luang Pu Thuat (1582-1682). Diens verering is de afgelopen jaren nieuw leven ingeblazen. Lees meer over deze revival van de oer-grootvader die zeewater in zoetwater omtoverde door hier te klikken  .

DSC06129a-352VOGELNIEUWS
. Ik ben een slecht vogelfotograaf. Zie ik een interessant vogeltje, dan is deze meestal weer gevlogen wanneer ik hem in het vizier van mijn kijkertje heb. Is het een uitgeput of exhibitionistisch exemplaar dat braaf blijft zitten, dan kan het nog tergend lang duren voordat ik mijn fototoestel en leesbril tevoorschijn heb gehaald. Vervolgens komt de klus om op het dier in te zoemen. Dat gaat vaak mis: in het vizier zoek ik vergeefs naar het dier omdat ik met de zoeker in een heel andere tak of zelfs andere boom ben beland. Veel vogels hebben niet het geduld al dat gestuntel af te wachten en zijn er al niet meer wanneer ik wil afklikken. Soms verloopt het proces echter relatief soepel en is een foto met een redelijk scherp vogeltje het resultaat.
En een heel enkele keer is er sprake van wonderbaarlijke mazzel. Zoals een paar maanden geleden (eind november) in Lopburi. Vroeg in morgen vertrok ik vanuit Chaibadan in de richting van Sa Bot. Het was een kraakheldere ochtend, er was heel weinig verkeer op de weg en ik kon met volle teugen genieten van het landschap: akkers (met o.a. cassave) en wat verderop prachtig kalksteengebergte. Waar zo’n fraaie berg zich op slechts tweehonderd meter van de weg verhief en stopte ik voor een foto. Nadat ik was afgestapt, bespeurde ik een interessant vogeltje op een tak van een al kale kruin van een boom. Het dier, een gaaf exemplaar van een Blue Rock Trush (Monticola solitarius, waarschijnlijk een niet-broedend mannetje van de ondersoort philippensis) bleef rustig zitten. Ik kon in alle rust inzoemen. De vogel poseerde perfect in de nog laag staande zon. Ik had net drie foto’s gemaakt, en stond op het punt nogmaals af te klikken toen er op de tak naast de Trush een andere, knalgroene vogel landde. Ik klikte, en een fractie van een seconde later was de groene vogel er al weer vandoor. Maar foto vier was een mooie verrassing: het volwassen exemplaar van de Golden-fronted Leafbird (Chloropsis aurifrons, waarschijnlijk ondersoort inornata) stond er ook goed op. Inmiddels zijn de twee vogeltjes tesamen met tientallen andere kiekjes van vogels ondergebracht in het vogelarchief dat bestaat uit drie posts:
enkele-vogels-some-birds en enkele-vogels-some-birds-02 en enkele-vogels-some-birds-03  .

Sunflowers Lopburi-04KING KONG VAN THAISE BODEM? CHAIYO!
Begin augustus 2012 gonsde het in de media van het nieuws over de ontdekking van een ‘nieuw soort blindslang’ in Brazilië die op een ‘menselijke penis lijkt’. Naar aanleiding daarvan schreef cryptozoöloog Karl Shuker op zijn blog: ‘Zoals zo vaak het geval is bij berichten in de media over ongewone en weinig bekende dieren, is de waarheid heel anders.’ Waarop Shuker uitlegt dat het dier geen nieuwe soort betreft en helemaal geen slang is (maar een pootloos amfibie). Bovendien heeft het volgens hem bepaald geen grote gelijkenis met een penis.
molaren-350Links: Kies van Gigantopithecus blacki (A) en Pithecanthropus (E), Sinanthropus (F) en Homo (G). Foto uit Von Koenigswald, 1948.
Bij het lezen van een bericht in de Bangkok Post van 5 januari dit jaar (2016) leek er iets dergelijks aan de hand te zijn: de beschrijving van een diersoort die appeleert aan sensatielust en tegelijkertijd van weinig kennis van zaken getuigt. Het betrof wetenschappelijk nieuws over een onderwerp dat me als twaalfjarige al interesseerde: de afstamming van de mens en aanverwante dingen. Het bericht van AFP (Agence-France Presse) had als kop ‘Why the real King Kong became extinct’ maar ik kreeg het gevoel dat het een beetje door de redacteuren van de Bangkok Post was bijgewerkt om het voor lezers in Thailand aantrekkelijker te maken. Europese wetenschappers worden aan het woord gelaten over recent onderzoek naar een reusachtige mensaap die tot misschien zo’n 200 000 jaar geleden delen van Azië bevolkte: Gigantopithecus blacki. Ze poneren een ‘nieuwe’ theorie die verklaart waarom het dier is uitgestorven: het kon zich niet snel genoeg aanpassen toen veel tropisch bos vanwege droogte moest plaatsmaken voor savannes. Eerder ging men er juist vanuit dat Gigantopithecus goed aan de savanne was aangepast—desondanks niet bijzonder spectaculair nieuws voor wie een beetje thuis is in het onderwerp.
Interessanter vond ik dat de schrijver van het uiteindelijke krantenartikel het maar niet kon nalaten de reuzenmensaap te vergelijken met King Kong en het zelfs een keer een ‘monster’ noemt.
De lezer wordt ook geïnformeerd dat kleur van het dier onbekend is: ‘It is often referred to by scientists as G blacki, although its color is unknown’. Daaruit blijkt dat de editor van zoölogische nomenclatuur geen kaas heeft gegeten. Blacki heeft namelijk helemaal niets met een zwarte kleur te maken—het wezen is genoemd naar de Canadese onderzoeker Davidson Black!
En wat verder wordt gesteld: ‘The only fossil records are four partial lower jaws, and perhaps a thousand teeth — the first of which turned up in the 1930s in Hong Kong apothecaries where they were sold as “dragon’s teeth.” The fossils came from Thailand, where the great ape lived, but it never has been clear exactly where and there is little other evidence of the animal’s life in what is today Thailand.’
Hieruit maak ik op dat de schrijver bedoelt dat de fossielen die in Chinese apotheken zijn gevonden alle afkomstig waren uit Thailand. Dat is niet alleen onzin, het is bovendien onzin waarin ik een vervelend trekje proef dat ik ‘nationalistische grootheidswaan’ zou willen noemen. In feite is de ‘Thaise King Kong’, ik bedoel: Gigantopithecus blacki, al tachtig jaar bekend en hebben de fossielen lange tijd een belangrijke rol gespeeld bij het denken over de afstamming van de mens. Verreweg de meeste overblijfselen van de reuzenmensaap (of misschien reuzenaapmens) waren gedaan in Zuid-China. De eerste ontdekkingen vonden plaats in een tijd dat van African Genesis, Black Eva en ‘Out of Africa’ nog nooit gehoord was en de meeste experts op het terrein van de evolutie van de mens Azië zagen als de bakermat van de mens.
Die vroege ontdekkingen van de missing links, oermensen en andere mensachtigen in Azië vormen een fascinerend stuk wetenschapsgeschiedenis. Lees verder in: Gigantopithecus blacki .

Rangoon, 1980-teaserRANGOON & PEGU in 1980: pictures and notes from my travel journal:
In 1980, foreigners were allowed to pay a visit to Burma—but for no longer than one week. The only legal way to enter the country was by plane to Rangoon. The strikingly underdeveloped country was a haven for the adventurous tourist, and the visit to the ‘forgotten country’ was often experienced as a journey into the past. Continue click  here

yeti-teaserYETI’S OP DOI INTHANON? Dolen er op afgelegen uithoeken van Doi Inthanon nog yeti’s (Verschrikkelijke Sneeuwmannen) rond? Wie weet? In afgelegen berggebieden van China worden ze in elk geval regelmatig gesignaleerd, maar het wezen is zo schuw dat het ondanks zijn enorme omvang nog nooit is gefotografeerd. Zijn al die waarnemingen dus bedrog of zinsbegoocheling? Tot 100 000 jaar geleden kwam er in Zuid-China echter onomstotelijk een reusachtige ‘mensaap’ voor, daarvan getuigen honderden enorme kiezen en enkele kaakfragmenten. Dit gigantische wezen was dus een tijdgenoot van de vroege mens, Homo sapiens. Lees meer hierover in: Verschrikkelijke Sneeuwman .

Kuifje-cover-03-teaserGoud van oud: Kuifje is niet dood, Hij leeft! De helft van de Kuifje-avonturen speelt zich af in de derde wereld, maar Thailand heeft de star reporter helaas nooit bezocht. In hun tijd waren die avonturen in exotische oorden behoorlijk politiek correct. Zelfs door een ‘links’ tijdschrift over derde wereld en ontwikkelingshulp als onzeWereld werd Kuifje gedogen, want—schrijft een redacteur instemmend als inleiding op het verhaal—’de grootste boeven blijken toch steeds weer westerlingen te zijn’. Lezen: Kuifje in de derde wereld

Night herping-teaserSLANGENNIEUWS:
2015 was een ‘goed slangenjaar’ waarin ik een eental bijzondere waarnemingen deed. Geen nieuwe soorten, maar wel enkele zeer bijzondere die mijn pad kruisten—welke, dat verklap ik nog even niet!
Het afgelopen jaar ben ik ook wat vaker gaan nachtherpen, dat wil zeggen: met een schijnwerper in een stikdonker bos slangen zoeken. Ik heb het niet zo op dat nachtherpen, en aan de perikelen op een zo’n tocht heb ik zelfs een heel verhaal gewijd. Maar, moet ik toegeven, uiteindelijk wierpen de duistere verkenningen toch vruchten af. Lezen: Nachtherpen in Umphang

Verkuyl-01-teaserHout van oud: Terugsterven, nu! Interview met de weerbarstige, ex-hoogleraar bosbouwkunde Adolf Verkuyl in zijn landhuis in Lampang, Noord-Thailand, anno 1985. Verkuyl heeft over talloze zaken zo zijn eigen mening. De overlevende van een Jappenkamp: ‘We moeten de Jap in zekere zin dankbaar zijn!’ En de overbevolking is het grootste probleem van de wereld nu: ‘We moeten terugsterven naar twee miljard!’
Lezen: Adolf Verkuyl

rebels-00-long teaserWhen Myanmar was Ne Win’s Burma/Toen Myanmar nog Birma heette. Following Aung San Suu Kyi’s election victory, Myanmar’s future seems to look brighter than ever. More than 25 years ago, all  along Myanmar’s border with Thailand Burman students and activists in cooperation with ethnic minotity rebels were fighting the Burmese army. In 1989, I visited Thay Baw Boe and a few other rebel camps along the long border that Thailand’s Tak Province shares with Myanmar. For the story and pictures click: Burmese student rebels—1989
Een Nederlandse versie van het complete verhaal kun je hier (gratis) als PDF downloaden:  Burmaanse-studenten-voeren-guerrilla-1989 (1.7 MB)

img682e-500More about Myanmar in the past, when it was simply known as Burma.
A sketch of the political and economic situation in 1984 when dictator Ne Win was still in full control:  Burma’s failing socialism—1984  .

Chu Chok en liefje-670Figuur hierboven: Vier maal Chu Chok met zijn jonge vrouw op pad. Het lijkt wel of de vrouw niet veel zin heeft met haar oude man aan de hand te worden meegenomen. 1. Wat Doi Khiri, Mueang, Tak. 2. Wat Pak Nam Pho Tai, Mueang, Nakhon Sawan. 3. Wat Muen San, Mueang, Chiang Mai (zilverslagwerk). 4. Wat Phra That Suthon Mongkhon Khiri, Den Chai district, Phrae (verguld houtsnijwerk).

Ook Chu Chok heeft met seks te maken, deze dirty old man in het Thaise boeddhisme. Hij is eindeloos vaak afgebeeld in de muurschilderingen van Thaise tempels. Chu Chok is een van de hoofdpersonen in de beroemde boeddhistische legende Wetsandon Chadok. Hij heeft een jonge vrouw die niet alleen mooi, maar ook gedienstig is. Ze wordt daarom gepest door de andere vrouwen in het dorp. De mannen mopperen vaak en vinden dat Chu Chok het beter heeft getroffen dan zij. Op een dag krijgt Chu Choks jonge vrouw zelfs een pak slaag van de dorpsvrouwen. Dat wordt haar te veel: ze eist van Chu Chok dat er bedienden komen om haar huishoudelijke taken over te nemen (zodat ze niet meer de wrevel van de wijven uit de buurt heeft te verduren). Chu Chok gaat dan op zoek naar de verbannen prins Wetsandon die de reputatie heeft alles wat hij bezit weg te geven aan de behoeftigen. Misschien wil de prins hem wel zijn kinderen schenken, zodat ze de bedienden van zijn liefje kunnen worden—denkt de sluwe, oude man. Het valt Chu Chok niet mee de prins te vinden. In een bos wordt hij door een troep honden aangevallen en klimt hij in een boom. Dan verschijnt er een jager die een van zijn pijlen op hem richt.

Wat Chedi Liam, Chiang Mai-DSC08657a-350Figuur links: Chu Chok (in boom) belaagd door Chetabut en zijn honden. Wat Chedi Liam, Chiang Mai.

En in deze hachelijke situatie is Chu Chok beland omdat hij alleen maar zijn mooie jonge vrouw niet wil verliezen. Maar hij weet zich eruit te redden en weet bovendien zijn doel te bereiken. Zelfs meer dan dat. Via allerlei omwegen en interventies van de goden wordt de oude man plotseling rijk. Maar hij besteedt dan zijn geld aan mooie vrouwen en een overdaad aan lekker eten. Dat wordt hem fataal. Hij gaat ten onder in een soort Grande Bouffe — meer dan 2000 jaar voordat Michel Picolli, Philippe Noiret en Marcello Mastroianni zelfmoord pleegden met een overdosis seks en vreten.
Mijn eerste verhaal over deze Chu Chok gaat vooral over de hachelijke situatie waarin de gestresste opa verkeert als de honden van Chetabut hem aanvallen. Het behelst een korte analyse van hoe de kunstenaars van de 20e-eeuwse Noord-Thaise muurschilderingen de episode uit de legende hebben afgebeeld: Chu Chok en de honden van Chetabut
Een meer algemeen verhaal over wat er zoal is te zien op Thaise tempelschilderingen is daarop een inleiding: Tempelschilderingen in Thailand .
Recentelijk gepost is een lang verhaal over de geschiedenis van Yaowarat, Bangkoks bruisende Chinatown, de wijk die wel de grootste en meest authentieke Chinatown ter wereld wordt genoemd: History of Bangkok’s Chinatown Dit verhaal is in het Engels en dient als achtergrondinformatie voor drie verhalen met wandelroutes door Bangkoks Chinatown die binnenkort worden gepost.•Chinese toeristen overspoelen sinds enkele jaren het Noorden, met name Chiang Mai (dat nu al ‘Chinamai’ wordt genoemd) en Pai. De jonge Chinese dames vallen vaak op door hun luchtige zomerkleding: geen hot pants zoals blanke en Thaise meisjes vaak dragen, maar juist lange gewaden van een uiterst dun weefsel (mousseline of tule). Ik vind hen soms wonderbaarlijke, vreemde vogels: staan ze midden op een druk kruispunt met huurfietsen en -motorfietsen aan de hand rond een google kaart op een smartphone te discussiëren waar ze zich bevinden. En het meisje dat kennelijk de regie heeft, blijkt geen fee te zijn die daar met een tovertruc is beland, maar een heus, pas afgestudeerd chemisch ingenieur uit Shanghai die vloeiend Engels spreekt. Dat een brommertocht naar Pai iets van een wintersprookje heeft door de explosieve ontwikkeling van infantiele uitspanningen langs de weg had ik al eens uitvoerig belicht: Noord-Thaise wegen – een wintersprookje Cultuur is iets wonderbaarlijks.

Vogels van Noord-ThailandEnkele vogels gespot in maart. 1-2: Hop, Common Hoopoe (Upupa epops), in laagland in het district Hot, Chiang Mai (2014-03-24). 3-4: Grey-breasted Prinia (Prinia hodgsonii), in laagland langs de rivier de Ping in het district Pa Sang, Lamphun (2014-03-29). VOGELS DETERMINEREN Meer foto’s van vogels uit Noord-Thailand, slechte en heel slechte, maar ook wel een aantal wat betere in: Enkele vogels-some birds , Enkele vogels-some birds-02 en Enkele vogels-some birds-03. Met wat geluk vind je er een plaatje van de vogel die je gezien hebt en waarvan je zou willen weten tot welke soort hij behoort. (En met wat geluk heb ik er de goede naam bijgezet.) •

MOTORBIKING January and February is Winter time in northern Thailand, and the second half of February often shows a fast transition from the cool season to the hot season. Rain showers are rare in January and February, so it is an excellent time to explore the countryside in the North on a motorbike. Truly, the forests and fields often show signs of severe desiccation and fires in the fields and the undergrowth of the forests are a common sight. In March, the accumulated smoke from the fires sometimes results in smog. Many tree species flower in the relatively dry and cool months, among them rare species with brilliant and lavish blossoms. This website offers special 6-days tours per minibus for nature lovers, see: Nature Tours What’s more, it promotes a number of DO IT YOURSELF motorbike tours which focus on interesting nature reserves and beautiful landscapes. Exploring the countryside on a motorbike is the way par excellence to enjoy the North’s marvellous nature and culture. One can do this best alone or in small groups (max. 3 motorbikes). To help these adventurers, detailed descriptions of a number of tours have been posted. Best known of all is the Mae Hong Son-loop, but the description of the tour deviates considerably from the standard tour and includes the little known road from Khun Yuam to Mae Chaem: Route 01-Rondje Mae Hong Son (in Dutch) There are also a number of 1-day motorbike tours and detailed descriptions of interesting destinations less than 100 km from Chiang Mai, such as Doi Inthanon, Thailand’s highest peak with cloud forests ; Huai Nam Dang National Park—hill tribes amidst dense forests ; the area between Chiang Dao-Wiang Haeng (Lisu Road, Lisu villages along Highway 1322 to Wiang Haeng), Mae Sot, Little Burma in Thailand and Umphang (Death Highway to Umphang—fifty miles through the clouds).

Pua rice fields Of the ultimate DO IT YOURSELF motorbike tour ‘Eastern North Thailand in 15 days’, full accounts of the first 12 days have been posted earlier (in Dutch): Day 1. Chiang Mai-Phrao-Nong Khaem-Arunothai-Pha Daeng Motorfietstocht oostelijk Noord-Thailand, 15 dagen-dag 1 Day 2. Pha Daeng-Ban Khum and Doi Ang Khang plus Palong-dorp No Lae Motorfietstocht oostelijk Noord-Thailand, 15 dagen-dag 2 Day 3. Ban Khum-Fang-Tha Ton-Akha-village Lo Cha-Mae Salong Motorfietstocht oostelijk Noord-Thailand, 15 dagen-dag 3 Day 4. Mae Salong-Doi Tung-Mae Sai-Golden Triangle-Chiang Saen Motorfietstocht oostelijk Noord-Thailand, 15 dagen-dag 4 Day 5. Chiang Saen-Chiang Khong-Wiang Saen-Pha Tang-Phu Chi Fa Motorfietstocht oostelijk Noord-Thailand, 15 dagen-dag 5 Day 6. Phu Chi Fa-Huak-Chiang Kham-Phu Langka-Song Khwae-Pua Motorfietstocht oostelijk Noord-Thailand, 15 dagen-dag 6  Day 7. (in English!) Pua-Doi Phu Kha National park and around-Pua click here Day 8. Pua-Tha Wang Pha-Nan and temples in and around Nan click here Day 9. Nan-Mae Charim-Ban Rom Klao-Mae Charim-Nan click here Day 10. Nan-Huai Yuak-Wiang Sa-Na Noi-Sao Din-Pak Nai click here
Day 11 and Day 12 have also been posted.

For practical information about renting a motorbike in Chiang Mai, preparing a tour and road safety see: Motorfietstochten I also offer tailor-made tours, advice and guided motorbike tours for less than 5 persons. Are you interested? Please contact me.

Doi Inthanon cloud forestHauser Nature Tours

Special ‘Go Green’ nature tours: 70% nature, 30% culture With biologist/travel writer Sjon Hauser as tour leader During six days you will visit northern Thailand’s most beautiful and interesting national parks and cross remote parts of the picturesque countryside where foreign tourists are a rare sight. You will learn about aspects of Thai culture neglected in other tours, such as spirit worship and the cultivation of a variety of exotic crops. You will make many short hikes in the jungle, but there are no exhausting trekkings lasting for hours. On the other hand, sometimes the trails we follow are steep or we have to climb many steps. The knowledge and expertise of the tour leader will make this tour a special experience for you. The best time of the year for this tour is from May to November. During this period northern Thailand’s nature is lush and beautiful, while there is much activity in the paddies and upland fields. During December and January some parts of the North, that attract few tourists the remaining year, can be crowded with cool season tourists from Bangkok, in particular during weekends and holidays. This may pose a problem for making reservations. On the other hand, from February – April, the forests at the lower elevations are dormant and desiccated, while there is little agricultural activity. This tour will be executed in cooperation with Green Wood Travel in Bangkok. It is aiming at little groups of four to no more than eight persons. More about it in: Nature Tours

Speciale ‘groene’ natuurtochten: 70% natuur, 30% cultuur Voor de natuurliefhebbers onder de globetrotters zijn er nu enkele unieke door mij opgezette 6-daagse natuurreizen: 70% natuur, 30% plattelandscultuur. Behalve dat ze de mooiste natuurgebieden in het noorden zullen bezoeken, en veel uitleg krijgen over de natuur die zo heel anders is dan in de gematigde streken, zullen ze aspecten van de Thaise cultuur te zien krijgen die in de meeste reizen niet aan de orde komen, zoals geestenverering en het verbouwen van bijzondere gewassen. En dat vindt allemaal plaats in delen van Noord-Thailand die zelden door toeristen worden bezocht. Ze zullen talloze korte wandelingen door de natuur en op het platteland maken. Het zijn geen uitputtende trektochten, maar er moeten wel de nodige trappen beklommen worden. Zie ook: Nature Tours ©SJON HAUSER: text and pictures